Inhoudsopgave Ester (Grieks) Volgende 5 hoofdstukken

Ester Grieks > Hoofdstuk A - B

Ester Grieks A

Mordechais droom

Het paleis van Koning Xerxes I. Ingang van de troonzaal met een relief van de koning.

1In het tweede jaar van de regering van koning Artaxerxes de Grote, op de eerste dag van de maand nisan, had Mordechai, de zoon van Jaïr, de zoon van Simi, de zoon van Kis, uit de stam Benjamin, een droom.MordechaiArtaxerxesHet paleis van Koning Xerxes I. Ingang van de troonzaal met een relief van de koning. 2-3Deze Mordechai was een Jood, een van de mensen die samen met Jechonja, de koning van Juda, door koning Nebukadnessar van Babylonië als ballingen uit Jeruzalem waren weggevoerd, en hij woonde in de stad Susa. Hij was een invloedrijk man, die een functie aan het koninklijk hof bekleedde.Joden in ballingschap

4Dit was de droom van Mordechai: Geschreeuw en tumult, donderslagen en aardbevingen, verwarring op aarde. 5Twee grote draken gingen op elkaar af, klaar om te vechten. Ze brulden luid, 6en door dit gebrul maakten alle volken zich op voor de strijd tegen het volk van de rechtvaardigen. 7Een dag van diepe duisternis, verdrukking en benauwenis, geweld en grote verwarring op aarde. 8Er brak paniek uit onder het rechtvaardige volk; ze vreesden dat onheil hen zou treffen en bereidden zich voor op hun ondergang. 9Ze riepen God aan, en uit hun roepen ontstond een grote watervloed, zoals uit een kleine bron een brede rivier. 10Het zonlicht verscheen, de nederigen werden verheven en wie in hoog aanzien stonden werden door hen verzwolgen.

11Nadat Mordechai wakker geworden was, bleef hij nadenken over zijn droom, waarin hij gezien had wat God van plan was; tot laat in de avond spande hij zich tot het uiterste in om de droom te begrijpen.1. Mordechais droom

Mordechai verijdelt een aanslag

Bert Bouman - Mordechai keek om een hoekje. Daar stonden twee mannen van het paleis.

12Eens lag Mordechai in de hof van het paleis te rusten, evenals Gabata en Tarra, twee eunuchen die de koning als paleiswachter dienden. 13Hij hoorde hoe zij met elkaar overlegden, luisterde aandachtig en kwam zo te weten dat ze een plan beraamden om koning Artaxerxes om het leven te brengen. Hij bracht de koning van hun voornemen op de hoogte.Bert BoumanBert Bouman - Mordechai keek om een hoekje. Daar stonden twee mannen van het paleis. 14De koning onderwierp de twee eunuchen aan een verhoor; ze bekenden en werden weggeleid. 15De koning liet deze gebeurtenis schriftelijk vastleggen, opdat de herinnering eraan bewaard zou blijven, en ook Mordechai schreef erover. 16Zo kwam het dat de koning Mordechai een functie aan het hof verleende en hem geschenken gaf.

17Haman, de zoon van Hammedata, een Bugeeër, stond bij de koning in hoog aanzien. Hij zon op middelen om Mordechai en diens volk kwaad te doen, om wat er gebeurd was met de twee eunuchen van de koning.Haman

Ester Grieks 1

Koningin Wasti verstoten

n.v.t - Het Perzische Rijk
Kaart: Susa en omgeving
Jan Geritsz. Deys - Rechtervleugel van het Sacramentsaltaar uit de S. Barbarakerk te Culemborg met de voorstelling van het feestmaal van Ahasveros
Zuilen van de oostelijke poort van het paleis van koning Xerxes I.
Antonius Claeissens - Feestmaal van stadsfunctionarissen
Titelpagina van Jacob Cats: Toneel van de mannelicke achtbaerheyt

1Het was in het derde regeringsjaar van Artaxerxes, de Artaxerxes die over honderdzevenentwintig provincies heerste, tot in India.Ahasveros/Xerxesn.v.t - Het Perzische Rijk 2In dat jaar, toen hij voor het eerst in Susa zetelde,Kaart: Susa en omgeving 3hield hij een feestelijke ontvangst voor zijn hovelingen, voor de rijksgroten van de Perzen en de Meden, voor gasten uit andere volken en voor de oppersatrapen.Het Heilig Sacramentsaltaar te CulemborgJan Geritsz. Deys - Rechtervleugel van het Sacramentsaltaar uit de S. Barbarakerk te Culemborg met de voorstelling van het feestmaal van AhasverosZuilen van de oostelijke poort van het paleis van koning Xerxes I.

4-5Toen dit feest voorbij was en de koning honderdtachtig dagen lang de rijkdom van zijn koninkrijk en de pracht en praal waarin hij zich verheugde tentoongespreid had, richtte hij voor alle inwoners van de stad een drinkgelag aan, dat zes dagen duurde. Het werd gehouden in de binnenhof van het koninklijk paleis, 6die versierd was met draperieën van fijn linnen en katoen. Met purperen linnen koorden waren deze bevestigd aan de gouden en zilveren kapitelen van marmeren en granieten zuilen. Op een mozaïekvloer van smaragd, parelmoer en marmer stonden gouden en zilveren rustbanken, waarover ragfijne spreien met een borduursel van kleurrijke bloemmotieven lagen, en overal waren rozen gestrooid. 7Er waren bekers van goud en zilver en ook viel er een kleine robijnen beker ter waarde van dertigduizend talent te bewonderen. En er was een overvloed aan zoete wijn zoals de koning die zelf graag dronk. 8Er golden voor dit drinkgelag geen van tevoren vastgestelde regels, omdat koning Artaxerxes het zo wilde; hij had de hofmeesters opgedragen aan zijn wensen en aan die van de gasten tegemoet te komen. 9Ook Wasti, de koningin, richtte een drinkgelag aan, voor de vrouwen in het koninklijk paleis.WastiFeestmaal van stadsfunctionarissenAntonius Claeissens - Feestmaal van stadsfunctionarissen

10Op de zevende dag, toen koning Artaxerxes in een vrolijke stemming was, beval hij Haman, Bazan, Tarra, Boraze, Zatolta, Abataza en Taraba – de zeven eunuchen die zijn dienaren waren – 11om de koningin bij hem te brengen. Hij wilde haar in haar waardigheid bevestigen door haar de koninklijke hoofdband om te doen, en haar schoonheid laten zien aan de rijksgroten van de volken, want zij was mooi. 12Maar koningin Wasti gehoorzaamde hem niet, ze weigerde met de eunuchen mee te gaan. De koning voelde zich gekwetst. Woedend 13zei hij tegen zijn hovelingen: ‘Dit is wat Wasti gezegd heeft. Oordeel en neem een besluit.’Nicolaas Beets - Vasthi en Esther

14Van de rijksgroten van de Perzen en de Meden waren Arkeseüs, Sarsateüs en Malesear de meest vertrouwde raadsheren van de koning, ze bekleedden de hoogste posities. Zij traden naar voren 15en gaven aan hoe er volgens de wet ten opzichte van koningin Wasti gehandeld diende te worden, nu zij niet gedaan had wat de eunuchen haar namens de koning hadden bevolen. 16Memuchan zei tegen de koning en de rijksgroten: ‘Niet alleen tegenover de koning heeft koningin Wasti zich misdragen, maar ook tegenover alle rijksgroten en bestuurders van het koninkrijk.’ 17-18(De koning had hun immers verteld wat de koningin had gezegd, welk antwoord zij hem gegeven had.) ‘Als de gemalinnen van de Perzische en Medische rijksgroten horen hoe zij koning Artaxerxes heeft geantwoord, zullen zij zich vandaag nog op eenzelfde wijze tegenover hun echtgenoten durven te misdragen.Het Perzische rijk 19Laat de koning daarom, als het hem goeddunkt, een koninklijk besluit uitvaardigen dat schriftelijk als een wet van de Meden en de Perzen wordt vastgelegd, zodat het niet kan worden veranderd. Hierin moet bepaald worden dat de koningin voortaan geen toegang meer heeft tot de koning en dat hij haar koninklijke waardigheid aan een vrouw zal geven die beter is dan zij.Wet van Meden en Perzen 20Laat overal bekend worden welke wet de koning voor zijn rijk wenst uit te vaardigen. Dan zullen alle vrouwen hun echtgenoten, arm of rijk, met respect bejegenen.’Jacob Cats - Tooneel vande Mannelicke AchtbaerheytTitelpagina van Jacob Cats: Toneel van de mannelicke achtbaerheyt 21Het voorstel van Memuchan vond instemming bij de koning en de rijksgroten, en de koning volgde het op. 22Hij stuurde brieven naar alle delen van zijn rijk, naar elke provincie in haar eigen taal, met als gevolg dat alle mannen thuis respect werd betoond.Postbezorging

Ester Grieks 2

Ester als koningin gekozen

Onbekend - versierde handen
Vlaams tapijtatelier - Ahasveros verkiest Ester tot koningin
Anoniem, Holland - Biblia Pauperum, p. 36 (.q.)
Philips Galle naar Maarten van Heemskerck - Ahasveros kroont Ester tot koningin
Onbekend - Assendelfter kast met het verhaal van Ester

1Na verloop van tijd was de woede van de koning bedaard, maar hij wilde niets meer van Wasti weten, want hij herinnerde zich maar al te goed wat zij gezegd had en welk oordeel hij over haar had geveld. 2Zijn dienaren zeiden: ‘Er zouden voor de koning mooie, nog ongerepte meisjes gezocht moeten worden. 3Laat de koning daarom in alle provincies van zijn rijk gevolmachtigden aanstellen met de opdracht op zoek te gaan naar mooie meisjes die nog maagd zijn en hen naar Susa te brengen, naar het vrouwenverblijf. Daar moet men hen dan toevertrouwen aan de eunuch die de koning als haremwachter dient, en hen voorzien van balsem en alles wat ze verder nodig hebben. 4En laat de vrouw die de koning het meest bevalt dan koningin worden in de plaats van Wasti.’ Dit voorstel vond instemming bij de koning en hij voerde het uit.

5Nu woonde er in Susa een zekere Mordechai, een Jood. Hij was een zoon van Jaïr, de zoon van Simi, de zoon van Kis, uit de stam Benjamin, 6een van de mensen die door koning Nebukadnessar van Babylonië als ballingen uit Jeruzalem waren weggevoerd.Joden in ballingschap 7Hij had een pleegdochter, die Ester heette; zij was een dochter van Amminadab, een broer van Mordechais vader. Nadat haar ouders overleden waren had Mordechai haar opvoeding op zich genomen, met de bedoeling haar tot vrouw te nemen; het was een mooi meisje.Ester 8Toen nu het bevel van de koning bekend was gemaakt en er veel meisjes in Susa bij elkaar gebracht werden en onder toezicht van de haremwachter Gai gesteld, werd ook Ester bij deze haremwachter gebracht. 9Het meisje stond hem aan en won zijn genegenheid. Daarom liet hij haar zonder uitstel de balsem en het voorgeschreven voedsel geven en stelde hij haar zeven dienaressen uit het koninklijk paleis ter beschikking. Hij behandelde haar en haar kameniersters in het vrouwenverblijf goed. 10Ester vertelde niet uit welke familie ze stamde of uit welk land ze kwam; Mordechai had haar namelijk op het hart gedrukt dit niet bekend te maken. 11En iedere dag wandelde Mordechai langs de voorhof van het vrouwenverblijf, in de hoop te weten te komen hoe het Ester verging.

12Ieder meisje kreeg een schoonheidsbehandeling: zes maanden werd ze gemasseerd met mirreolie, zes maanden met geurige balsems en crèmes. Wanneer haar schoonheidsbehandeling na twaalf maanden voltooid was,Onbekend - versierde handen 13was het moment gekomen om naar de koning te gaan. Degene aan wie het was opgedragen, bracht haar van het vrouwenverblijf naar het koninklijk paleis. 14’s Avonds ging ze daar naar binnen, en bij het aanbreken van de morgen ging ze naar een ander deel van het vrouwenverblijf, waar de eunuch Gai de koning als haremwachter diende. Een meisje ging nooit een tweede keer naar de koning toe, tenzij ze persoonlijk bij hem werd ontboden.

15Op een dag was het de beurt van Ester, de dochter van Mordechais oom Amminadab, om naar de koning te gaan. Niets van wat de haremwachter haar had aangeraden had zij achterwege gelaten, en ze wekte dan ook de bewondering van allen die haar zagen. 16Zo ging Ester bij koning Artaxerxes binnen, in het zevende jaar van zijn regering, in de twaalfde maand, de maand adar.Vlaams tapijtatelier - Ahasveros verkiest Ester tot koningin 17En de koning voelde liefde voor Ester, meer dan alle andere meisjes won zij zijn genegenheid. Hij koos haar als zijn vrouw en deed haar de koninklijke hoofdband om.Assendelfter kastAnoniem, Holland - Biblia Pauperum, p. 36 (.q.)Philips Galle naar Maarten van Heemskerck - Ahasveros kroont Ester tot koninginOnbekend - Assendelfter kast met het verhaal van Ester 18Om zijn huwelijk met Ester te vieren, richtte de koning voor al zijn hovelingen en alle machthebbers een drinkgelag aan dat zeven dagen duurde. Ook schold hij zijn onderdanen hun schulden kwijt.

Mordechai verijdelt een aanslag

Philips Galle naar Maarten van Heemskerck - Mordechai luistert het verraad van de twee eunuchen af
Azor meesters - Ester informeert de koning over het verraad dat Mordechai ontdekt heeft; de twee verraders worden opgehangen.
Azor meesters - Ester informeert de koning over het verraad dat Mordechai ontdekt heeft; de twee verraders worden opgehangen

19Mordechai bekleedde een functie aan het hof. 20Ester had nog steeds niet verteld uit welk land ze afkomstig was, zoals Mordechai haar op het hart had gedrukt. Hij had er wel bij haar op aangedrongen om, net als toen ze nog bij hem woonde, ontzag voor God te hebben en zich aan zijn geboden te houden. Ze veranderde haar levenswijze niet.

21De twee eunuchen die het bevel voerden over de koninklijke lijfwacht, ergerden zich eraan dat Mordechai een goede functie had gekregen, en ze beraamden een plan om koning Artaxerxes te doden.Van Heemskercks EsterscènesPhilips Galle naar Maarten van Heemskerck - Mordechai luistert het verraad van de twee eunuchen af 22Hun voornemen kwam Mordechai ter ore. Hij bracht Ester ervan op de hoogte en zij lichtte de koning over het complot in.De illustraties van de Utrechtse HistoriebijbelAzor meesters - Ester informeert de koning over het verraad dat Mordechai ontdekt heeft; de twee verraders worden opgehangen. 23De koning ondervroeg de twee eunuchen en liet hen ophangen, en om Mordechai te eren gaf hij opdracht om van de dienst die deze hem had bewezen een aantekening te maken in de rijkskronieken, opdat de herinnering eraan bewaard zou blijven.Azor meesters - Ester informeert de koning over het verraad dat Mordechai ontdekt heeft; de twee verraders worden opgehangen

Ester Grieks 3a

Bevelschrift tegen de Joden

Onbekend - Assendelfter kast met het verhaal van Ester
Philips Galle naar Maarten van Heemskerck - De koning laat het bevelschrift tegen de Joden uitvaardigen
Toegeschreven aan Hendrik Gerritsz. Pot - Schoonheidsbehandeling van Ester

1Na verloop van tijd werd Haman, de zoon van Hammedata, een Bugeeër, door koning Artaxerxes met een hoge positie vereerd: hij kreeg de belangrijkste plaats onder de hovelingen. 2Iedereen aan het koninklijk hof boog zich telkens voor hem neer, want zo had de koning het geboden. Mordechai echter boog nooit voor hem. 3De hovelingen spraken Mordechai daarover aan: ‘Waarom negeert u het bevel van de koning, Mordechai?’ 4Dit vroegen ze hem elke dag weer, zonder dat hij zich iets van hun woorden aantrok. Uiteindelijk lichtten ze Haman erover in dat Mordechai geen gehoor wilde geven aan het gebod van de koning en dat hij hun had verteld dat hij een Jood was. 5Toen Haman hoorde dat Mordechai zich niet voor hem neerboog, werd hij razend, 6en hij nam zich voor om alle Joden in Artaxerxes’ rijk uit te roeien.

7In het twaalfde regeringsjaar van Artaxerxes stelde Haman een decreet op, en hij wierp het lot over alle dagen en over alle maanden, een voor een, om een dag vast te stellen waarop heel Mordechais volk zou omkomen. Het lot viel op de veertiende dag van de maand adar. 8Daarna zei Haman tegen koning Artaxerxes: ‘Er is een bepaald volk, heer, dat over heel uw koninkrijk verspreid tussen de andere volken leeft. Hun wetten verschillen van die van alle andere volken en aan uw wetten houden ze zich niet. De koning is er allerminst bij gebaat hen nog langer te dulden.Culturele identiteit 9Als het de koning goeddunkt, laat hij dan verordenen hen om te brengen. Dan zal ik tienduizend talent zilver aan de koninklijke schatkist betalen.’ 10De koning deed zijn ring af, overhandigde hem aan Haman om er het bevelschrift tegen de Joden mee te verzegelen,Assendelfter kastOnbekend - Assendelfter kast met het verhaal van EsterPhilips Galle naar Maarten van Heemskerck - De koning laat het bevelschrift tegen de Joden uitvaardigen 11en zei: ‘Uw geld mag u houden, en met dat volk kunt u doen wat u wilt.’

12Zo werden op de dertiende dag van de eerste maand de schrijvers van de koning ontboden. In opdracht van Haman schreven zij, in naam van koning Artaxerxes, een brief aan alle bevelhebbers en aan de gouverneurs van elk van de honderdzevenentwintig provincies, van India tot Ethiopië, aan ieder van hen in de taal van zijn eigen volk.Toegeschreven aan Hendrik Gerritsz. Pot - Schoonheidsbehandeling van Ester 13Afschriften van deze brief werden door boden overal in het rijk verspreid. Er werd in bevolen om op één bepaalde dag van de twaalfde maand, de maand adar, het Joodse volk uit te roeien; hun bezittingen mochten worden buitgemaakt.

Ester Grieks B

1Hier volgt de tekst van de brief:

‘Artaxerxes, de grote koning, maakt de gouverneurs van alle honderdzevenentwintig provincies van India tot Ethiopië en de onder hen staande districtsbestuurders het volgende bekend.

2Als vorst over vele volken en heerser over heel de bewoonde wereld, koesterde ik de wens om mijn onderdanen een in alle opzichten rimpelloos bestaan te bezorgen – ik betrachtte in mijn bestuur altijd de grootst mogelijke redelijkheid en welwillendheid, en werd niet hoogmoedig door heerszucht gedreven. Ik wilde beschaving brengen tot aan de verste grenzen van het koninkrijk, zodat men veilig zou kunnen reizen, en ik wilde de door eenieder verlangde vrede herstellen. 3Toen ik mijn raadsheren de vraag voorlegde op welke wijze dit verwezenlijkt kon worden, heeft Haman, die bij ons uitmunt door zijn helder inzicht, die blijk heeft gegeven van niet aflatende toewijding en onwankelbare trouw en die de tweede plaats in het koninkrijk inneemt, 4onze aandacht erop gevestigd dat zich onder alle stammen ter wereld een kwaadwillig volk gemengd heeft dat in zijn wetten afwijkt van elk ander volk en de koninklijke verordeningen bij voortduring negeert, waardoor afbreuk gedaan wordt aan het door ons zo onberispelijk gevoerde beleid.

5Nadat wij aldus vastgesteld hebben dat alleen dit volk onafgebroken met allen in onmin leeft, zich aan vreemde wetten houdt, afkerig is van onze gebruiken en de zwaarste misdaden begaat, waardoor er in het koninkrijk geen stabiliteit wordt bereikt, 6verordenen wij dat degenen die worden aangeduid in het bevelschrift van Haman, onze gevolmachtigde en onze tweede vader, radicaal en onverbiddelijk moeten worden uitgeroeid, vrouwen en kinderen inbegrepen, zonder dat ook maar iemand wordt ontzien, en wel nog in het huidige jaar, op de veertiende dag van de twaalfde maand, de maand adar. 7Wanneer zij die zich in het verleden en in het heden kwaadwillig hebben betoond, op één dag met geweld het dodenrijk worden ingejaagd, zal ons dat voor de toekomst verzekeren van een stabiel bestuur dat voortaan in alle rust uitgeoefend kan worden.’Dodenrijk