Inhoudsopgave Micha Volgende 5 hoofdstukken

Micha > Hoofdstuk 1 - 5

Micha 1

1Dit zijn de woorden die de HEER richtte tot Micha uit Moreset, toen Jotam, Achaz en Hizkia in Juda regeerden; het visioen dat hij zag over Samaria en Jeruzalem.

Het oordeel van de HEER

Anoniem, Haarlem - De Hollandse apocalyps
Jan Everts Cloppenborch - Jeruzalem met een krans van attributen
Frans Hogenberg - Beeldenstorm
Anoniem - Joodse rites uit: philologus Hebraeo-Mixtus
Anoniem - Joodse rite: scheren
Juda ten tijde van Hizkia
hoor, aarde en wie haar bewonen,
hoe God, de HEER,
tegen jullie getuigen zal
vanuit zijn heilige tempel.Anoniem, Haarlem - De Hollandse apocalyps

3Zie hoe de HEER zijn verblijf verlaat, afdaalt,
en over de hoogten van de aarde schrijdt.
4Onder hem smelten de bergen
en splijten de dalen
als was dat smelt voor vuur,
als water dat van een helling stort.

5Dit alles gebeurt om Jakobs misdaad,
om de zonden van het volk van Israël.
Wat is de misdaad van Jakob?
Wat zijn de offerhoogten van Juda?
Jeruzalem!Jan Everts Cloppenborch - Jeruzalem met een krans van attributen
6Van Samaria maak ik een ruïne,
kale grond,
alleen geschikt voor een wijngaard.
Zijn stenen stort ik in het dal,
zijn fundamenten leg ik bloot.
7Al zijn godenbeelden worden verbrijzeld,
al dat hoerenloon gaat in vlammen op.
Al die beelden zal ik vernietigen,
want met hoerenloon zijn ze betaald
en als hoerenloon zullen ze weer dienen.Frans Hogenberg - Beeldenstorm

8Laat mij dan klagen, laat me schreeuwen,
laat mij naakt en blootsvoets gaan,
laat mij huilen als een jakhals,
laat mij roepen als een struisvogel.Anoniem - Joodse rites uit: philologus Hebraeo-Mixtus
9De wonden van Samaria zijn ongeneeslijk,
ze reiken tot aan Juda,
ze raken aan de poort van mijn volk,
ze raken Jeruzalem.

10Vertel het niet in Gat,
ween daar niet.
Wentel je in het stof
11Trek verder in gevangenschap,
bevolking van Safir,
naakt en in schande.
Ook de bevolking van Saänan
is niet ontkomen.
Een rouwklacht in Bet-Haësel,
de stad wordt jullie ontnomen.
12De bevolking van Marot
heeft gehoopt op het goede,
maar het kwaad van de HEER daalde neer
tot bij de poorten van Jeruzalem.
13Bind de wagen aan het span,
bevolking van Lachis;
in jou huist het kwaad van Israël,
de oorsprong van de zonde van Sion.
14Neem daarom afscheid van Moreset-Gat;
Achzibs werkplaatsen worden voor Israëls koningen
als een beek die plotseling droogvalt.
15Opnieuw zal ik een bezetter sturen,
bevolking van Maresa;
Israëls leiders zullen naar Adullam vluchten.
16Scheer je haar af, scheer je kaal
om de kinderen die je geluk uitmaken.
Scheer je zo kaal als een gier,
want ze worden bij je weggehaald.Anoniem - Joodse rite: scherenJuda ten tijde van Hizkia

Micha 2

Joost Veerkamp - Groeten uit de hel
Coenraad van Praag - Loterijbriefje
Loesje - Een oud strijder

1Wee hun die kwaad in de zin hebben en op hun bed boze plannen smeden. Al in het ochtendgloren brengen ze die ten uitvoer, dat ligt in hun macht. 2Willen ze een veld? Ze roven het! Willen ze een huis? Ze nemen het! Ze maken zich meester van huizen en hun bezitters, van mensen en hun eigendom. 3Daarom – dit zegt de HEER: Over dit volk zal ik onheil brengen, een onheil dat jullie niet kunnen afschudden en waaronder jullie gebukt zullen gaan. Er wacht jullie een tijd van verschrikking!Joost Veerkamp - Groeten uit de hel 4Dan zal dit over jullie worden gezegd, dan zal deze weeklacht klinken:

‘Het is voorbij!’ zal men zeggen.
‘We zijn reddeloos verloren.
Ons erfdeel wordt verkwanseld,
het wordt ons ontnomen,
ons land onder afvalligen verdeeld.’

5Daarom blijven jullie achter wanneer het volk van de HEER het land verdeelt. Niemand zal voor jullie het lot werpen wanneer het meetlint wordt gespannen.Coenraad van Praag - Loterijbriefje

6‘Houd op,’ zeggen zij, ‘houd op met dat geprofeteer! Komt er nooit een eind aan die beschimpingen? 7Zou dit het zijn wat het volk van Jakob is aangezegd? Verliest de HEER zo snel zijn geduld, zouden dit zijn daden zijn?’ Betekenen mijn woorden dan geen voorspoed voor wie de rechte weg gaat? 8Steeds weer stelt mijn volk zich vijandig op tegenover al wie vredelievend is. Nietsvermoedende, vreedzame voorbijgangers worden van hun mantel beroofd.Loesje - Een oud strijder 9Jullie verdrijven de vrouwen van mijn volk uit de huizen waarin zij gelukkig zijn. Jullie ontnemen hun kinderen voor altijd de luister waarmee ik hen heb bekleed. 10Sta op, ga weg, hier zul je geen rust vinden. Dit land is onrein, het brengt bederf en vreselijke vernietiging. 11Als er iemand was die niets dan wind en valse leugens verspreidt en profeteert: ‘Ik zie wijn en drank,’ dan zou dat voor dit volk de ware profeet zijn!


12Ik zal je bijeenbrengen, Jakob, je in je geheel bijeenbrengen.
Ik zal verzamelen wat er van Israël over is, ik zal het verzamelen.
Ik zal ze samenbrengen als schapen en geiten
binnen de omheining, als een kudde in de wei;
het zal daar gonzen van de mensen.
13Hij die een bres slaat gaat voorop,
ze breken uit, ze trekken door de poort,
ze gaan erdoor naar buiten.
Hun koning gaat hun voor,
de HEER gaat aan het hoofd.

Micha 3

Hendrik Nicolaas Werkman - Gebed om vrede

1En ik zei: Hoor toch, leiders van Jakob, hoor, heersers van het volk van Israël! Jullie moeten het recht toch kennen? 2Maar jullie haten het goede en houden van het kwaad. Jullie stropen mijn volk de huid af en rukken het vlees van hun botten. 3Zij eten hun vlees, ze stropen hun huid af en breken hun botten. Als vlees om te koken, als vlees voor de pot hakken ze mijn volk in stukken. 4Als ze dan tot de HEER om hulp roepen, zal hij hun niet antwoorden. Hij zal zijn gelaat voor hen verbergen vanwege het kwaad dat ze begaan.

5Dit zegt de HEER over de profeten die mijn volk misleiden, die over vrede praten zolang ze maar iets te eten krijgen en die iedereen die hen niet op hun wenken bedient de oorlog verklaren:Hendrik Nicolaas Werkman - Gebed om vrede 6Voor jullie zal het een nacht zijn zonder visioenen, donker en zonder voorspellingen. Voor die profeten zal de zon ondergaan en zal de dag veranderen in duisternis. 7De zieners zullen beschaamd staan en de waarzeggers worden te schande gemaakt: ze zullen hun mond gesloten houden, want God geeft geen antwoord. 8Ik daarentegen ben vervuld van kracht, ik heb de geest van de HEER, ik ben rechtvaardig en ik heb de moed om aan Jakob zijn wandaden bekend te maken, en aan Israël zijn zonde.

9Hoor toch wat volgt, leiders van het volk van Jakob en heersers van het volk van Israël, jullie die de gerechtigheid verafschuwen en al wat recht is krom maken,Het recht buigen 10die Sion bouwen op bloed en Jeruzalem op onrecht. 11De leiders spreken er recht in ruil voor geschenken, de priesters geven onderricht tegen betaling, de profeten voorspellen voor geld, terwijl ze zich op de HEER beroepen en zeggen: ‘De HEER is toch in ons midden? Ons kan geen kwaad overkomen.’ 12Daarom, door jullie toedoen, zal de Sion als een akker worden omgeploegd, zal Jeruzalem een ruïne worden en de tempelberg een overwoekerde heuvel.

Micha 4

Het koningschap van de HEER

De Heilige berg
Onbekend - Gebroken geweertje
Hendrik van Wieringen - Geen Zweerd nog Spiesen meer, maar Sikkelen en Spaden
Christiaan van Adrichom - Jeruzalem
Aad de Haas - Aan de stromen van Babylon
Onbekend - Stamboom der granen
Meesters van Otto van Moerdrecht - Sidkia slaat Micha in het gezicht
dat de berg met de tempel van de HEER
rotsvast zal staan,
verheven boven de heuvels,
hoger dan alle bergen.
Volken zullen daar samenstromen,De Heilige berg
2machtige naties zullen zeggen:
‘Laten we optrekken naar de berg van de HEER,
naar de tempel van Jakobs God.
Hij zal ons onderrichten, ons de weg wijzen,
en wij zullen zijn paden bewandelen.’
Vanaf de Sion klinkt zijn onderricht,
vanuit Jeruzalem spreekt de HEER.
3Hij zal rechtspreken tussen machtige volken,
over grote en verre naties een oordeel vellen.
Dan zullen zij hun zwaarden omsmeden tot ploegijzers
en hun speren tot snoeimessen.
Geen volk zal nog het zwaard trekken tegen een ander volk,
geen mens zal meer weten wat oorlog is.Ze zullen hun zwaarden slaan (omsmeden) tot spadenOnbekend - Gebroken geweertje
4Ieder zal zitten onder zijn wijnrank
en onder zijn vijgenboom,
door niemand opgeschrikt,
want de HEER van de hemelse machten heeft gesproken.De bijbel in rebusvormOnder zijn wijnstok en vijgenboom zittenHendrik van Wieringen - Geen Zweerd nog Spiesen meer, maar Sikkelen en Spaden
5Laat andere volken hun eigen goden volgen –
wij vertrouwen op de naam van de HEER, onze God,
voor eeuwig en altijd.

6Als die tijd gekomen is – spreekt de HEER –
zal ik de kreupelen verzamelen,
de verstrooiden bijeenbrengen,
verenigen wie ik onheil heb gebracht.
7De kreupelen zal ik sparen,
van de verdrevenen maak ik een groot volk,
en op de Sion zal de HEER hun koning zijn,
van nu tot in eeuwigheid.

8En jij, wachttoren over de kudde, vesting van Sion,
jij zult je vroegere heerschappij herkrijgen,
aan jou, Jeruzalem, behoort het koningschap toe.Christiaan van Adrichom - Jeruzalem

9Waarom schreeuw je nu?
Heb je dan geen koning meer,
of is je raadgever verdwenen,
dat je ineenkrimpt van pijn, als in barensnood?
10Krimp ineen en schreeuw het uit, vrouwe Sion,
krimp ineen als een vrouw die baren moet.
Je zult de stad moeten verlaten
en gaan leven op het veld.
Je zult naar Babel gaan,
en daar zul je worden bevrijd,
uit de handen van je vijanden
worden vrijgekocht door de HEER.Aad de Haas - Aan de stromen van Babylon

11Nu lopen vele volken tegen je te hoop,
ze zeggen: ‘Laat Sion maar worden ontwijd,
wij zullen ervan genieten!’
12Maar ze weten niet wat de HEER met ze voorheeft,
ze hebben geen inzicht in zijn besluit:
dat hij ze verzameld heeft als graan op de dorsvloer.Onbekend - Stamboom der granen
13Vrouwe Sion, dors hen.
Ik geef je een horen van ijzer
en hoeven van brons,
je zult die volken vertrappen.
Wat ze hebben buitgemaakt zal voor de HEER zijn,
aan de Heer van de hele aarde komt hun vermogen toe.

14Kerf nu, krijgszuchtige vrouw, je lichaam open;
onze muren worden belegerd,
en hij die Israël leiden moet
wordt met een staf in het gezicht geslagen.Meesters van Otto van Moerdrecht - Sidkia slaat Micha in het gezicht

Micha 5

Jan van Eyck - Gesloten retabel van het 'Lam Gods'
Jan van Eyck - De profeet Micha met Maria
Hans Mielich - Di Lasso's boetepsalmen geïllustreerd: Psalm 143:4
Rome? - Biddende man uit Sumerië
1Uit jou, Betlehem in Efrata,
te klein om tot Juda’s geslachten te behoren,
uit jou komt iemand voort die voor mij over Israël zal heersen.
Zijn oorsprong ligt in lang vervlogen tijden,
in de dagen van weleer.
2Totdat de vrouw die zwanger is haar kind heeft gebaard,
worden zijn broeders aan hun lot overgelaten.
Daarna zullen wie er nog over zijn
terugkeren naar de andere Israëlieten.De profeten van het Lam GodsJan van Eyck - Gesloten retabel van het 'Lam Gods'Jan van Eyck - De profeet Micha met Maria
3Hij zal aantreden en hen als een herder weiden,
bekleed met de macht van de HEER, zijn God,
met de majesteit van diens verheven naam.
Zij zullen veilig wonen,
want hij zal heersen tot aan de einden der aarde,
4en hij brengt vrede.
Wanneer Assyrië ons land binnenvalt
en zijn voet in onze paleizen zet,
zullen wij zeven herders doen opstaan,
ja, acht vorsten uit mensen gekozen.
5Met het zwaard zullen zij Assyrië kaalslaan,
Hij zal ons bevrijden van Assyrië
wanneer het ons land binnenvalt
en onze grenzen overschrijdt.

6En wat er van Jakob is overgebleven,
te midden van machtige volken,
zal zijn als dauw die van de HEER komt,
als regendruppels op het groen,
dat niets verwacht van een mens
en niet naar mensenkinderen uitziet.
7Wat er van Jakob is overgebleven,
te midden van grote volken,
zal zijn als een machtige leeuw tussen het wild,
als een leeuw die de kudde binnendringt,
een leeuw die vertrapt en verscheurt,
en er is niemand die hem tegenhoudt.
8Mogen je aanvallers je kracht leren kennen,
mogen je vijanden worden vernietigd!

9Op die dag zal het gebeuren – spreekt de HEER –
dat ik je paarden zal afslachten
en je strijdwagens vernietigen.
10Ik zal de steden in je land verwoesten
en je vestingen neerhalen.Hans Mielich - Di Lasso's boetepsalmen geïllustreerd: Psalm 143:4
11Je tovermiddelen zal ik je ontnemen,
ik laat geen waarzeggers meer toe.
12Je godenbeelden zal ik vernietigen,
evenals je gewijde stenen,
en je zult niet langer knielen voor wat je zelf hebt gemaakt.Rome? - Biddende man uit Sumerië
13Je Asjerapalen zal ik verwijderen,
je tempelburchten zal ik verwoesten,
14en in mijn hevige toorn neem ik wraak
op alle volken die niet hebben geluisterd.