Inhoudsopgave Spreuken Volgende 5 hoofdstukken

Spreuken > Hoofdstuk 1 - 5

Spreuken 1

Vier scènes uit het leven van Salomo

1Hier volgen de spreuken van Salomo, zoon van David en koning van Israël.Boec van SedenSalomoVier scènes uit het leven van Salomo 2Ze bieden wijsheid en zijn een leidraad in het leven, verdiepen het inzicht 3en bevatten wijze lessen over recht, rechtvaardigheid en eerlijkheid. 4Ze vormen het ongeoefende verstand en geven de jeugd kennis en bezonnenheid. 5Laat wie wijs is goed naar deze spreuken luisteren en nog wijzer worden. Laat wie verstandig is meer en meer de vaardigheid verwerven 6deze spreuken en diepzinnigheden te begrijpen, deze woorden en scherpzinnigheden van de wijzen te doorgronden.Desiderius Erasmus - Lof der zotheid 7Het begin van alle kennis is ontzag voor de HEER; een dwaas veracht de wijsheid en weigert elk onderricht.E. Laurillard - Kruiden en bloemen

Hoed je voor slecht gezelschap

Pieter Bruegel de Oudere - Tegen de maan pissen
8Mijn zoon, luister naar de lessen van je vader,
verwaarloos niet wat je moeder je leert.
9Hun lessen zijn een sierlijke krans om je hoofd,
ze zijn een ketting om je hals.

10Mijn zoon, als zondaars je proberen in te palmen,
geef er niet aan toe.Pieter Bruegel de Oudere - Tegen de maan pissen
11Luister niet naar hen
als ze je willen overhalen met hen mee te gaan,
als ze zeggen: ‘We willen bloed vergieten,
we gaan onschuldigen de dood in jagen, zonder reden,
12we verslinden ze met huid en haar,
zoals het dodenrijk de levenden verslindt,
het graf de doden opslokt.
13Hoeveel kostbaarheden zullen we niet vinden,
we vullen onze huizen met een rijke buit.
14Kom, sluit je bij ons aan,
we zullen alles delen.’
15Mijn zoon, ga niet met hen op pad,
mijd de weg die zij gaan,
16want ze haasten zich om kwaad te doen
en zijn op bloed belust.
17Het net wordt tevergeefs gespannen
als de vogels het bespieden.
18Alleen hun eigen bloed zal vloeien,
hun eigen leven is hun prooi.
19Dat is het lot van allen die uit zijn op roof,
hun pad voert naar de dood.

Oproep van Wijsheid

20Wijsheid roept in de straten,
over de pleinen klinkt haar stem,
21ze laat zich horen bij de poorten,
te midden van alle rumoer roept ze uit:
22‘Hoe lang nog, onnozele mensen,
hechten jullie aan je onvolwassenheid,
willen jullie, spotters, blijven spotten,
haten jullie, dwazen, kennis?
23Luister, neem mijn berispingen ter harte –
dan stort ik mijn geest over je uit,
dan laat ik je delen in mijn wijsheid.
24Maar toen ik je riep, wees je me af,
toen ik je mijn hand bood, nam je die niet aan.
25Al mijn goede raad heb je in de wind geslagen,
elke berisping heb je genegeerd.
26Daarom lach ik om je ongeluk,
schater ik het uit om je ellende,
27wanneer ellende op je afkomt als een storm,
ongeluk als een onweer over je losbarst,
leed en nood je treffen.
28Dan zul je me roepen, maar ik antwoord niet,
je zult me zoeken, maar je vindt me niet.
29Want je was afkerig van mijn kennis
en toonde geen ontzag voor de HEER.
30Je nam mijn raad niet aan
en verachtte mijn berispingen.
31Daarom pluk je de wrange vruchten van je plannen,
je daden liggen je zwaar op de maag.
32Want wie onnozel is, gaat aan zijn halsstarrigheid ten onder,
en zelfgenoegzaamheid brengt de dwazen om.
33Maar wie naar mij luistert, zal veilig zijn,
hij hoeft geen angst te hebben voor het kwaad.’

Spreuken 2

Wijsheid komt van de HEER

Hendrik van Wieringen - De kroon is van ons hooft, wij zijn van 't pad geweken
Hendrik van Wieringen - Ga dog geen Hoere te gemoet
Elias Smalhout - De kerstengel te Wenen
Gillis Mostaert (omgeving van) - Brede en smalle weg met Christus tijdens de bergrede
1Mijn zoon, als je in acht neemt wat ik zeg,
mijn richtlijnen altijd onthoudt,
2een open oor hebt voor mijn wijsheid,
een geest die neigt naar inzicht,
3als je erom vraagt de dingen te begrijpen,
roept om scherpzinnigheid,
4ernaar zoekt als was het zilver,
ernaar speurt als naar een verborgen schat –
5dan zul je ontdekken wat ontzag voor de HEER is,
dan zul je kennis van God verwerven.
6Want het is de HEER die wijsheid schenkt,
zijn woorden bieden kennis en inzicht.
7Aan wie rechtschapen is, geeft hij voorspoed,
voor wie op rechte wegen gaat, is hij een schild.
8Hij waakt over het rechte pad
en beschut de weg van wie hem trouw zijn.
9Als je in acht neemt wat ik zeg,
zul je leren wat oprecht, eerlijk en rechtvaardig is,
dan volg je altijd het juiste spoor.
10Want wijsheid zal je geest doordringen,
je koestert je in kennis.
11Bedachtzaamheid zal je behoeden,
inzicht houdt de wacht
12om je af te houden van verkeerde wegen,
om je te beschermen tegen leugenaars,
13mannen die het rechte pad hebben verlaten,
de wegen van de duisternis gaan,Hendrik van Wieringen - De kroon is van ons hooft, wij zijn van 't pad geweken
14genieten van hun slechte daden,
staan te juichen bij hun valse streken,
15mannen die op kromme wegen gaan
en slechts een dwaalspoor volgen.
16En inzicht houdt de wacht
om je te beschermen tegen een lichtzinnige vrouw,
die je met haar vleierij wil paaien,Hendrik van Wieringen - Ga dog geen Hoere te gemoet
17een vrouw die ver is afgedwaald,
de geliefde van haar jeugd heeft verlaten,
het verbond met haar God is vergeten.
18Het huis van zo’n vrouw verzinkt in de dood,
haar pad voert naar het rijk van de schimmen.Elias Smalhout - De kerstengel te Wenen
19Niemand die bij haar komt keert ooit terug,
onbereikbaar is de weg die naar het leven leidt.
20Houd daarom het rechte pad,
volg de weg van wie rechtvaardig zijn,Gillis Mostaert (omgeving van) - Brede en smalle weg met Christus tijdens de bergrede
21want wie rechtschapen zijn,
zullen wonen in het land der levenden,
wie onberispelijk hun weg gaan,
vinden er een vast verblijf.
22Maar wie kwaad doen, worden verdreven,
wie God niet trouw zijn, worden weggevaagd.

Spreuken 3

Heb ontzag voor de HEER

Engels of Zuid Nederlands - Twee wijnglazen
Onbekend - Stamboom der granen
Pieter Bruegel de Oudere - Met het hoofd tegen de muur lopen
1Mijn zoon, vergeet mijn lessen niet,
houd in je hart mijn richtlijnen vast.
2Ze vermeerderen de dagen van je leven,
geven je vele jaren van geluk.
3Mogen liefde en trouw je nooit verlaten,
wind ze om je hals,
schrijf ze in je hart.Engels of Zuid Nederlands - Twee wijnglazen
4God en de mensen zullen je genegen zijn
en je zult waardering ondervinden.
5Vertrouw op de HEER met heel je hart,
steun niet op eigen inzicht.
6Denk aan hem bij alles wat je doet,
dan baant hij voor jou de weg.
7Wees niet eigenzinnig,
maar heb ontzag voor de HEER
en ga het kwaad uit de weg.
8Het zal je sterken als een medicijn,
het verkwikt je lichaam.
9Eer de HEER met al je rijkdom,
met het beste van de oogst.
10Graan zal je voorraadschuren vullen,
je kuipen lopen over van wijn.Onbekend - Stamboom der granen
11Mijn zoon, een berisping van de HEER
mag je nooit terzijde schuiven,
zijn bestraffing moet je zonder afschuw ondergaan,
12want de HEER straft wie hij liefheeft,
zoals een vader die houdt van zijn zoon.
13Gelukkig is een mens die wijsheid heeft gevonden,
een mens die inzicht wint.
14Wijsheid levert meer op dan zilver,
geeft meer profijt dan goud,
15is kostbaarder dan edelstenen.
Alles wat je ooit zou kunnen wensen
valt bij de wijsheid in het niet.
16Met haar ene hand schenkt ze een lang leven,
eer en rijkdom geeft ze met haar andere hand.
17Haar wegen zijn lieflijk,
haar paden vredig.
18Ze is een levensboom voor wie haar omhelst,
wie haar omarmt mag zich gelukkig prijzen.Boom des levens, levensboom
19De HEER heeft de aarde met wijsheid gegrondvest,
de hemel met inzicht gevestigd.
20Door zijn kennis brak het water los uit de diepte
en druppelt er dauw uit de wolken.
21Mijn zoon, streef naar bedachtzaamheid en wijs beraad,
verlies die nooit uit het oog.Pieter Bruegel de Oudere - Met het hoofd tegen de muur lopen
22Ze zullen een bron van leven voor je zijn,
een sieraad om je hals.
23Je zult veilig je weg kunnen gaan,
nergens zul je struikelen.
24Je hoeft niet bang te zijn wanneer je slapen gaat,
je slaap zal vredig zijn.
25Je hoeft geen angst te hebben plotseling te worden opgeschrikt
door onheil dat van goddelozen komt.
26Je kunt vertrouwen op de HEER,
hij beschermt je tegen hinderlagen.

27Onthoud een ander niet waarop hij recht heeft,
terwijl je het hem geven kunt.
28Zeg nooit tegen je medemens:
‘Ga weg, kom morgen maar terug,’
terwijl je hebt wat je hem schuldig bent.
29Behandel hem niet zo schandalig
terwijl hij zijn vertrouwen in je heeft gesteld.
30Maak geen ruzie met iemand
die je geen kwaad berokkend heeft.
31Wees niet jaloers op iemand die geweld gebruikt,
kies niet de weg die hij gaat,
32want de HEER verafschuwt wie dat dwaalspoor gaat,
maar wie rechtschapen is, geeft hij zijn vertrouwen.
33De HEER vervloekt het huis van goddelozen,
maar de woning van rechtvaardigen zegent hij.
34Met spotters drijft hij de spot,
maar verschoppelingen schenkt hij zijn gunst.
35Wijzen verwerven eer,
dwazen torsen schande.

Spreuken 4

Laat je beschermen door de wijsheid

Antoni van Leeuwenhoek - Microscoop
Adriaen van de Velde - Allegorie: onschuld tussen den deugden en de ondeugden
1Zonen, luister naar de lessen van je vader,
wees vol aandacht en kom tot begrip.
2Wat ik je leer is waardevol,
sla dus mijn onderricht niet in de wind.

3Ik was mijn vaders beminde zoon,
mijn moeders lieveling.
‘Laat je hart mijn woorden bewaren,
handel naar mijn richtlijnen, dan gaat het je goed.
5Streef naar wijsheid, zoek naar kennis,
wijk niet af van wat ik zeg, vergeet het niet.Antoni van LeeuwenhoekAntoni van Leeuwenhoek - Microscoop
6Verlaat de wijsheid niet, dan beschermt ze je,
heb haar lief, dan behoedt ze je.
7Het begin van wijsheid is dat je wijsheid zoekt,
aan alles wat je hebt verworven, inzicht toevoegt.
8Acht de wijsheid hoog, dan geeft ze je aanzien,
ze strekt je tot eer wanneer je haar omhelst.
9Ze legt een sierlijke krans om je hoofd,
schenkt je een luisterrijke kroon.’

10Mijn zoon, luister, neem mijn woorden aan,
ze vermeerderen de jaren van je leven.
11Ik heb je de weg van de wijsheid gewezen,
op rechte paden heb ik je gevoerd.
12Je zult onbelemmerd voortgaan,
nergens zul je struikelen, al ga je nog zo snel.
13Laat mijn onderricht niet los, houd het vast,
vergeet het nooit, het is je leven.
14Ga niet het pad van goddelozen,
bewandel niet de weg van wie boosaardig zijn.
15Mijd hun weg, betreed hem niet,
ga eraan voorbij, loop door.
16Ze gaan niet slapen voor ze kwaad hebben gedaan;
wanneer ze anderen niet ten val brengen,
worden ze van hun rust beroofd.
17Ze doen zich te goed aan het brood van goddeloosheid,
zwelgen in de wijn van het geweld.
18De weg van de rechtvaardigen is stralend als de zon,
die opkomt, hoger klimt, totdat de dag zijn licht verspreidt.
19De weg van goddelozen is alleen maar duisternis,
ze struikelen, en weten niet waarover.Adriaen van de Velde - Allegorie: onschuld tussen den deugden en de ondeugden

20Mijn zoon, heb aandacht voor mijn woorden,
geef aan mijn uitspraken gehoor.
21Houd ze steeds voor ogen,
bewaar ze in het diepste van je hart.
22Ze zijn het leven voor wie ze aanvaarden,
sterken heel het lichaam als een medicijn.
23Van alles waarover je waakt, waak vooral over je hart,
het is de bron van je leven.Uit het hart zijn de uitgangen des levens
24Neem nooit leugens in de mond,
laat geen bedrog over je lippen komen.
25Je moet elk mens recht in de ogen kunnen zien,
nooit je ogen hoeven neerslaan.
26Effen de weg waarover je gaat,
dan loop je met vaste tred.
27Wijk niet af naar rechts, wijk niet af naar links,
wijk alleen uit voor het kwaad.

Spreuken 5

Mijd lichtzinnige vrouwen

Pieter Coecke van Aelst - Jozef en de vrouw van Potifar
Charlotte Salomon - Rouw op begraafplaats
Nederlands, Hollands - Gezin in gebed voor de maaltijd
Joachim Wtewael - Caritas
Hendrick Goltzius - Quis evadet?
1Mijn zoon, luister naar mijn wijsheid,
schenk mijn inzicht een aandachtig oor,
2-3opdat bezonnenheid je blijft behoeden,
kennis over je waakt bij wat je zegt tegen een lichtzinnige vrouw.
Van haar lippen komen gladde praatjes,
haar mond spreekt honingzoete woorden,
4maar uiteindelijk zijn ze als gif zo bitter,
zo scherp als een tweesnijdend zwaard.Pieter Coecke van Aelst - Jozef en de vrouw van Potifar
5Haar pad voert naar het graf,
haar voeten dalen af in het dodenrijk.Charlotte Salomon - Rouw op begraafplaats
6Ze wil dat je de weg die naar het leven leidt niet inslaat,
haar valse sporen volg je zonder dat je het beseft.
7Daarom, mijn zonen, luister naar mij,
wijk nooit af van wat ik zeg.
8Blijf bij zo’n vrouw vandaan,
houd afstand van haar woning.
9Want je zult bij anderen je eer verkwanselen,
je verspeelt je leven aan die wrede vrouw.
10Van wat jij zo moeizaam hebt verworven,
genieten vreemde mannen in de woning van die afgedwaalde.
11En uiteindelijk, wanneer er niets meer van je over is,
schreeuw je het uit:
12‘Waarom heb ik wat mij is geleerd verworpen?
Elke waarschuwing heb ik veracht.
13Waarom heb ik niet geluisterd naar mijn leraren?
Ik sloot mijn oren voor hun raad.
14Nu ben ik bijna te gronde gegaan,
voor ieders blik, voor het oog van alle mensen.’

15Drink water uit je eigen bekken,
ga naar de stromen van je eigen bron.
16Je wilt toch niet dat ze de vrije loop krijgen
en de pleinen overstromen?
17Ze zijn van jou, van jou alleen,
laat niemand anders ervan drinken.
18Moge je bron gezegend zijn,
moge de geliefde van je jeugd je vreugde geven.
19Ze is zo lieflijk als een hinde, bekoorlijk als een ree.
Ze laat je altijd van haar borsten drinken,
je kunt eindeloos verzinken in haar liefde.Nederlands, Hollands - Gezin in gebed voor de maaltijdJoachim Wtewael - Caritas
20Waarom, mijn zoon, zou je dan dwalen bij een lichtzinnige vrouw,
je vlijen aan de borsten van zo’n afgedwaalde?
21De HEER ziet alle wegen die een mens bewandelt,
al zijn stappen slaat hij gade.
22Wie kwaad doet, zet voor zichzelf een val,
hij raakt verstrikt in de koorden van zijn zonde.
23Omdat hij weigerde te luisteren naar een wijze les,
verdwaalt hij in zijn eigen dwaasheid
en wacht hem de dood.Hendrick Goltzius - Quis evadet?