Overzicht bijbelboeken

Cultuur > Varia

Antoni van Leeuwenhoek

Antoni van Leeuwenhoek (1632-1723) was een van de merkwaardigste wetenschappers van de zeventiende eeuw. Hij werkte voor de stad Delft, had niet gestudeerd, was niet bijzonder bekend met de klassieken en sprak ook geen vreemde talen. Desalniettemin is hij verantwoordelijk voor een reeks belangrijke wetenschappelijke ontdekkingen, niet in het groot maar in het klein.

Antoni van Leeuwenhoek
Microscoop

Rond 1610 werden zowel de telescoop als de microscoop uitgevonden. Rond 1670 ontwikkelde Van Leeuwenhoek dat laatste instrument verder totdat hij een vierhonderdvoudige vergroting kon bereiken. Dit opende de blik op een compleet nieuwe wereld. Van Leeuwenhoek legde van alles onder zijn microscoop, vaak zonder te weten wat hij daar eigenlijk zag. Onder meer ontdekte hij als eerste in brak regenwater eencellige organismen en bacteriƫn, die toen overigens nog niet zo heetten omdat niemand van hun bestaan wist. Ook was hij de eerste die de krioelende 'dierkens' in het mannelijk zaad zag.

Antoni van Leeuwenhoek
De herkomst van de mens

Over de betekenis van die laatste ontdekking kreeg hij enorme ruzie met andere wetenschappers als Swammerdam en De Graaf. Van Leeuwenhoek hield namelijk vast aan de traditionele mening die vooral aan Aristoteles wordt toegeschreven, maar die men ook in Wijsheid 7:1-2 kan terugvinden. Namelijk dat in de mannelijke zaadcel al de hele mens besloten ligt, die door de moeder alleen nog maar uitgedragen wordt. De meer progressieve anatomen van die tijd hadden al het vermoeden dat het aandeel van de moeder aan het ontstaan van een nieuwe mens groter moest zijn.

Antoni van Leeuwenhoek schreef geen geleerde boeken of tractaten. De resultaten van zijn onderzoeken stuurde hij in vorm van brieven de wereld in. Beroemde persoonlijkheden als Constantijn Huygens werden bestookt met zijn ontdekkingen, ook al zaten die er waarschijnlijk niet altijd op te wachten om te vernemen wat Van Leeuwenhoek nu weer tussen zijn tenen had ontdekt. De Delftse arts Regnier de Graaf introduceerde hem bij de Royal Society in Londen, die hem in 1680 tot fellow benoemde. De brieven die hij naar de Society stuurde, werden vertaald en - voorzien van illustraties - gepubliceerd in de Philosophical Transactions en later ook zelfstandig uitgegeven.

Zie ook

  • Peter Alma
    Wetenschap in de 17e en 18e eeuw

Bibliografische referenties

Eric Jorink, Wetenschap en wereldbeeld in de Gouden Eeuw. Hilversum 1999, p. 82-85.

Heeft betrekking op:

Wijsheid 7:1-2, Spreuken 4:5