Overzicht bijbelboeken

Letteren > Proza

Arthur van Schendel - Ruth

Eén van de Bijbelse verhalenArthur van Schendel - Bijbelse verhalen van Arthur van Schendel behelst de geschiedenis van Ruth. Ook hier vertelt Van Schendel het bijbelverhaal eenvoudig na, beknopt en zonder versiering. Ter illustratie de passage waarin Boaz en Ruth elkaar voor het eerst ontmoeten (vgl. Ruth 2:4-13):

Boaz kwam op de akker en groette zijn knechts met de wens: Jahweh zij met u! en zij antwoordden: Jahweh zegene u!
Toen, rondschouwende en Ruth ziende, vroeg hij de opzichter wie zij was. Dat is de vrouw uit Moab, zeide hij, die met Naomi is gekomen.
Boaz was een verre verwant van de man van Naomi die in Moab was gestorven en onder het volk van Israël was het een plicht dat men verwanten moest bijstaan in de nood. Hij liet haar roepen en zeide tot haar dat zij naar geen andere akker mocht gaan, maar gerust hier kon zamelen zoveel zij wilde en als zij dorst had mocht zij bij de knechts water vragen. Ruth boog diep voor hem neder en vroeg waaraan zij de gunst te danken had, zij, de dochter van een ander volk. Ik heb gehoord, antwoordde hij, wat gij voor Naomi gedaan hebt nadat uw man gestorven was, dat gij uw ouders en uw land verlaten hebt en naar een volk zijt gegaan dat gij niet kent. Gij hebt u onder de hoede van de god van Israël gesteld en Jahweh zal weldadig voor u zijn, al zijt gij uit een ander volk.

Tot slot nog Van Schendels 'versie' van Ruth 4 - het enige gedeelte waarin de verbeelding van de schrijver zich een serieuze uitbreiding permitteert, te weten na 4:12:

Boaz ging op de marktplaats zitten en wachtte tot de bloedverwant van wie hij gesproken had voorbijkwam. Hij riep hem, hij legde hem uit hoe het stond met de nagedachtenis en de bezitting van hun beider verwant, die naar Moab was getrokken en daar gestorven, van zijn weduwe Naomi, zijn schoondochter Ruth, al de zaken die hij kennen moest voor het recht. Boaz vroeg tien mannen, naar wier oordeel en raad een ieder luisterde, rondom te zitten als getuigen. Nadat de andere bloedverwant geantwoord had dat hij van zijn recht geen gebruik kon maken, verklaarde Boaz dat het dan aan hem verviel en dat hij het aanvaardde. De mannen rondom getuigden dat zij het gehoord hadden.
Zij kwamen voor de woning van Naomi, de twee vrouwen traden in de deur en hun ogen blonken toen zij hoorden wat Boaz hun te zeggen had.
Het was die eigen dag bekend dat de vreemdelinge uit Moab de vrouw zou worden van Boaz, die vele akkers bezat. Er waren mannen die verontwaardigd de handen hieven dat een zoon van Israël de dochter van een heidens volk tot vrouw nam. Maar de wijzen antwoordden dat Ruth de rechtschapene altijd gedaan had wat de god van Israël eiste: er was geen smet aan haar te noemen, zij had Naomi in het ongeluk gediend en gevolgd en niets dan liefde had haar geleid. Dit was wat Jahweh wilde, zeiden die wijzen uit Bethlehem.
En zo werd Ruth de vrouw van Boaz.
Toen Naomi in de deur kwam en riep dat er in het huis een zoon geboren was, snelden de vrouwen toe met wens en zegen en zij prezen de goedheid van Jahweh die de bitterheid van Naomi in zoetheid had veranderd.
De zoon van Boaz en Ruth kreeg een zoon, en de zoon van die zoon was David, de koning van Israël.

Bibliografische referenties

Arthur van Schendel, Bijbelse verhalen (in: Verzameld werk 3), Amsterdam: Meulenhoff, 1976, p. 599-728.

Heeft betrekking op:

Ruth 4:1-17, Ruth 2:4-13