Overzicht bijbelboeken

Letteren > Proza

Belcampo - Genesis

Opvallend in het ironische verhaal Genesis van Belcampo (1902-1990) is de volstrekte afwezigheid van enige verwijzing naar het bijbelse scheppingsverhaal; in het taalgebruik noch in de inhoud is iets te vinden wat aan de bijbel herinnert. Geen duisternis ligt op de vloed en evenmin zweeft Gods geest over de wateren. Weliswaar wordt God voorgesteld in al zijn hemelse glorie, 'de Eeuwige op zijn troon, luisterrijk, glorierijk, ontzaglijk', maar de schepping van deze 'vers gebakken globe' verloopt allerminst vlekkeloos: de nieuwe planeet blijkt broddelwerk, waarbij de creatie van de mens niet de kroon op de schepping is, maar slechts tot doel heeft een berekeningsfout te corrigeren. Een fout die bovendien in de loop der tijd steeds groter wordt, zodat wat ons nu voorkomt als de zegeningen van de techniek, auto's en motoren, noodzakelijk blijken om erger te voorkomen. De schepping volgens Belcampo is het werk van een incompetente God die alleen met wat platvloerse kunstgrepen zijn doel kan bereiken.

Het was groot feest in de hemel; God zou een nieuwe planeet onthullen. De door het heelal klaterende klaroenklanken riepen uit alle windstreken V-vormige vluchten engelen naar 's Heren troon, waar de heiligen van alle tijden reeds waren vergaderd, met hun Zondagse aureolen om 't hoofd en tussen het gewoel van engelen en heiligen zag men overal vette wolken rondwaggelen, druk borrelend en brabbelend van al het spraakwater.
En daar hoog boven, in een lichtzee badend, zat de Eeuwige op Zijn troon, luisterrrijk, glorierijk, ontzaglijk. Zijn hoed was getooid met een splinternieuwe komeet en Zijn eeuwige ogen rustten met welgevallen op het werk, dat voor Hem lag en welks volmaaktheid een lichte doch dichte sluier voor de aanwezigen verborg. Maar niet lang meer, want het ogenblik der onthulling was daar en onder een angstwekkende, schier luidkeelse stilte ontritselde de sluier aan de vers gebakken globe.
En mèt was dit gebeurd of een daverend gejuich deed de wanden van de hemel dreunen en de zolders kraken; het oorverdovend halleluja en bazuingeschal wou haast geen einde nemen en het was dan ook een bijzonder mooie planeet. Eindelijk wenkte God weer stilte voor het belangrijkste moment, want al laat Hij soms het hele scheppingskarwei over aan Zijn ondergeschikten, dit doet Hij altijd zelf.
Het is de aftrap van de nieuwe planeet.
Dit is niet zoiets als de tewaterlating van een schip, zo'n ding ploft vanzelf, o nee, hier moet God met één enkele voetbeweging het hemellichaam in de tevoren vastgestelde baan lanceren. Geen haartje er naast, of het halve heelal stort ineen. En dat nog wel met inachtneming van het juiste, precies van te voren berekende effect.
Iedereen begrijpt dat dit ontzaglijk moeilijk is en dat alleen de Here zoiets kan. Ook deze keer wachtte alles in ademloze spanning op de meestertrap, maar nu gebeurde er iets wat niemand had verwacht. De planeet draaide niet en God bezeerde Zijn voet. Een gemompel van afkeuring bromde door de heirscharen en direct werd een spoedvergadering bijeen geroepen. Deskundigen onderzochten het weerspannige ding en bevonden dat de as verkeerd geplaatst was. Zó dat hij wel zijn baan zou kunnen volbrengen, maar zonder eigen effect en het was niet te repareren.
Een voorstel van de Heer om het maar voor afbraak te verkopen werd verworpen, vooral door de tegenstand van hen, die het oppervlak hadden gemaakt en daar werkelijk zeer veel moeite en zorg aan hadden besteed.
Toen vroeg een slimme heilige het woord en sprak: o Heer, zou het niet mogelijk zijn dat wij het arme lichaam aparte individuutjes meegeven, die hetzelve voortdurend in beweging kunnen houden, zó dat de werking van Uw trap vervangen wordt door die van ontelbare kleine trapjes, die deze wezentjes bij hun rondkrioelen aan het hemellichaam zullen toebrengen?
Het woord van deze heilige werd 'n succes en daarom is het, dat gij en ik dag in dag uit moeten stappen van de Helmersbuurt naar de Poort en terug.
Steeds slijt de as en wordt de fout groter, steeds moet ook het verkeer intenser worden. Daarom auto's en motoren.

Bibliografische referenties

Belcampo, Luchtspiegelingen. Amsterdam, [1963], p. 366-367.

Heeft betrekking op:

Genesis 1:1