Overzicht bijbelboeken

Letteren > Poëzie

Boec van Seden

“Eet nou eens met vork en mes!” Het is een van de vertwijfelde vermaningen die in heel wat gezinnen tijdens de avondmaaltijd te horen is. Met vork en mes eten hoort in onze cultuur tot de fatsoensregels en ouders getroosten zich in de regel heel wat inspanningen om hun kinderen die bij te brengen. Hoewel dit soort regels doorgaans in ongeschreven vorm aan nieuwe generaties worden overgeleverd, zijn er van tijd tot tijd mensen die ervoor gaan zitten om dit soort wijze raadgevingen te boekstaven. In de afgelopen decennia genoot Hoe hoort het eigenlijk? van Amy Groskamp-Ten Have op dit vlak een ongenaakbare reputatie.

Ook uit vroeger tijden zijn er dergelijke spreukenverzamelingen overgeleverd. Het Boec van Seden (Het boekje van goede zeden) is er een van. Gebundelde wijsheid van generaties wereldburgers werd op die manier doorgegeven. Sommige spreuken zijn vrijwel letterlijk aan de bijbelse spreukenverzamelingen ontleend.

Hoogmoedigheid moet men altijd verafschuwen. Wees nederig, en dat met mate. Te veel nederigheid is dwaas, en men drijft graag de spot met iemand die zich al te nederig opstelt.
 
Wees rechtvaardig, want er staat geschreven: 'Voor het nageslacht van de rechtvaardige zal het nooit meer nodig zijn om als bedelaar om brood te bedelen.'
 
Wat jij niet wilt dat jou geschiedt, doe dat zelf een ander niet! Je moet jezelf Christus' naastenliefde eigen maken, en goede mensen zullen je liefhebben.
 
Wees altijd zowel vader als moeder gehoorzaam; doe hun geen leed. Wie hiernaar handelt zal eer verkrijgen op aarde en in het eeuwige leven.
 
Heb je kinderen: kastijd hen dan met mate, maar wees niet te hard voor ze. Verwende kinderen daarentegen, doen hun ouders dikwijls verdriet, schade en schande aan.
 
Wees verstandig en snel in het begrijpen van wat anderen zeggen. Wees terughoudend in het doorvertellen van wat mensen je hebben toevertrouwd: dan handel je juist.

Spreukenverzamelingen geven soms ook een aardige inkijk in de cultuur van een bepaald moment. Raadgevingen waren vooral de moeite waard om opgeschreven te worden, als ze op de een of andere manier met nadruk onder de aandacht moesten worden gebracht. Aardig wordt het als er niet alleen vermeld wordt, hoe het wél moet, maar ook hoe het niét moet. Dat geldt in de twaalfde en dertiende eeuw bijvoorbeeld voor een aantal blijkbaar ingesleten tafelmanieren die op hoofse manier gecorrigeerd moesten worden.

Je mag niet met je vinger wijzen als je over iemand praat; men zou het afkeuren. Wend je gezicht af van degene over wie je spreekt: dan kan men je niet makkelijk berispen.
 
Wie minachtend spreekt over vrouwen, is een onbeschaafde boerenkinkel. We zijn allemaal uit vrouwen geboren. Wie dit hoort voorlezen, moet dat onthouden.
 
Als je voor iemands deur staat, dan moet je niet onverwachts naar binnen gaan zonder je aanwezigheid kenbaar te maken; dat zou incorrect zijn. Klop, kuch of spreek, dat is mijn raad.
 
Neem genoegen met je eigen voedsel op je eigen tafel, waarmee je je op behoorlijke wijze kan voeden. Wees niet als die veelvraten, die kwijlend in 't rond lopen te kijken.
 
Als je voedsel in je mond hebt, dan moet je even wachten met drinken. In bekers pleegt men te soppen, mar in de mond van de mens hoort dat niet. Wie in zijn mond sopt, heeft de manieren van een drol en is als een ezel, die in het drinkwater pist. Als je brood op de tafel legt dat je al in je mond hebt gehad, dan doe je jezelf grote schande aan.
 
Droog je handen nooit aan je kleding af, dat is een schande. Veeg tanden noch zwerende ogen met het tafellaken schoon.

Het boekje eindigt als volgt:

Hier eindigt dit boekje van goede zeden. God moge degene eer gunnen, die het uit het hoofd zal leren. En moge God degene die deze lessen zal naleven vreugde schenken om die reden.

Bibliografische referenties

De moderne vertaling van de spreuken uit het Boec van Seden is ontleend aan Theo Meder, Hoofsheid is een ernstig spel , dat digitaal te vinden is in de dbnl. Zie ook de pagina Hoofsheid op Literatuurgeschiedenis.nl.

Heeft betrekking op:

Spreuken 1:1