Overzicht bijbelboeken

Letteren > Po√ęzie

De koe

De Kunstfabriek
Koe

Naast vele andere dieren speelt de koe een tamelijk ondergeschikte rol in de bijbel. Ze kan als offerdier gebruikt worden (Num. 19:1-10; Deut. 21:1-9; Lev. 3:1), maar dan moet ze jong zijn, dat wil zeggen nog niet gewerkt hebben. Verder noemt de profeet Jesaja de koe in verband met de visioenen van het vreedzame leven na de komst van de messias: Een koe en een beer grazen samen, / hun jongen liggen bijeen (Jes. 11:7).

De merkwaardigste bijbelse vermelding van het dier is echter de vergelijking die de profeet Amos maakt tussen vrouwen en koeien. Ze zijn zonder medelijden met anderen, vraatzuchtig en ongehoorzaam, zonder respect tegenover hun heer. Waarschijnlijk kunnen we deze uitspraak het best als een uitbarsting van misogynie beschouwen die noch de koe noch de vrouwen recht doet.

De Nederlanden staan bekend om hun veeteelt, meer dan vier miljoen koeien bevolken ons land. Koeien horen er zozeer bij dat een Hollands landschap zonder deze dieren voor de meeste mensen niet voorstelbaar is. Dat betekent echter niet dat hier principieel meer begrip voor het wezen der koe bestaat. K. Schippers heeft dat in het volgende gedicht zo verwoord:

De koe

Een koe
is een merkwaardig beest
wat er ook in haar geest
moge zijn
haar laatste woord
is altijd
boe

Heeft betrekking op:

Amos 4:1, Leviticus 3:1, Numeri 19:1