Overzicht bijbelboeken

Cultuur > Feesten

Driekoningen

Sinds de middeleeuwen wordt in Noord-Europa het feest van Driekoningen gevierd. Aanleiding hiervoor is het bezoek dat de wijzen of magiërs uit het Oosten aan de net geboren Jezus brengen (Matteüs 2:1). In de vierde eeuw werd de geboorte van Jezus vastgesteld op 25 december; vandaar dat 6 januari tot Dertiendag werd uitgeroepen, een benaming die in Vlaanderen nog steeds gebruikt wordt. Vaak wordt ook de Engelse benaming Twelfth night voor de avond van 5 januari gebruikt. Op 6 januari speelt echter nog meer dan alleen de kraamvisite van de drie koningen. Het is de dag waarop de orthodoxe kerken Kerstmis vieren. Oorspronkelijk stond op deze dag de doop van Christus centraal en - meer in het algemeen - zijn openbaring als messias, de zgn. Epifanie. Ook Jezus' eerste publieke optreden tijdens de bruiloft te Kana, waar hij zich door een wonder kenbaar maakte, wordt op 6 januari gedateerd (Johannes 2:1-11).

Het was keizer Friedrich Barbarossa die in 1164 de relieken van de drie koningen als oorlogsbuit uit Milaan naar Keulen bracht en daarmee een ware rage ontketende. De onderwerping van de drie heidense koningen aan Jezus kwam uitstekend van pas bij de kerstening van de laatste heidenen in Noord-Europa en de rest van de wereld. Niet voor niets kregen de drie koningen in deze tijd hun namen en een continent van herkomst toegewezen: de grijsaard Melchior kwam uit Europa, de volwassen Balthasar uit Azië en de jeugdige Caspar uit Afrika.

Het feest van Driekoningen was lange tijd belangrijker dan Sinterklaas, dat uitsluitend voor kinderen was bedoeld. Driekoningen was voor volwassenen, vooral het koningsspel. Net als bij carnaval werden tijdens Driekoningen de maatschappelijke verhoudingen geparodieerd; dit gebeurde meestal in huiselijke kring. Met behulp van een boon in een cake werd de koning voor de dag aangewezen, vaak samen met een omvangrijke hofhouding. Zingen, eten en drinken vormden het hoofdbestanddeel van het feest.

Richard Brakenburgh
Driekoningenfeest

Richard Brakenburgh laat de gevolgen van zo'n uitbundig feest zien. De kreet 'De koning drinkt' werd altijd als aanleiding genomen voor een gemeenschappelijke toast, zodat het alcoholverbuik van de deelnemers gelijkmatig steeg. De oorsprong van deze feesttraditie ligt mogelijk al in de Saturnalia van de Romeinse tijd en niet zozeer in het christendom.

Voor kinderen was er tijdens deze drinkgelagen niet veel te doen, behalve het zogenaamde kaarsjesspringen. Bij dit spel is het de bedoeling over één of (meestal) drie brandende kaarsen op de grond te huppelen.

Zowel voor volwassenen als kinderen was het sterren- of sterzingen. Onder een lampion die de ster van Bethlehem moest voorstellen, trok men er zingend op uit en vroeg om een aalmoes. Parallel met de marginalisering van het feest - de gereformeerden hebben Driekoningen op de Dordtse synode van 1574 van de officiële feestkalender verwijderd - werd ook de viering ervan ruwer. Vanaf de kansel werd de losbandigheid bestreden die feestvierders aan de dag legden. Stedelijke keuren zorgden ervoor dat het feest steeds meer teruggedrongen werd. De laatste sterrenzangers werden in Amsterdam aan het begin van de 19de eeuw gesignaleerd, in katholieke regio's bleef de traditie langer behouden. Ook lieten de volwassenen het zingen steeds meer over aan de kinderen.

In 1923 heeft ook de katholieke kerk Driekoningen als verplichte feestdag afgeschaft. Een jaar later alweer ondernam een groep vooraanstaande Bosschenaren een poging om het feest nieuw leven in te blazen.

In Nederland wordt tegenwoordig Driekoningen vooral in 's-Hertogenbosch, Tilburg en Weert officieel gevierd met een georganiseerde processie van koningen, en met een jury die de mooiste kostuums kiest en prijzen uitdeelt. Daarnaast is het in veel katholieke gemeenten zowel in Nederland als in België gebruikelijk dat groepen kinderen als koningen eropuit trekken om zingend de blije boodschap van de geboorte van de Verlosser te verkondigen en geld voor de missie of andere goede doelen te verzamelen. Met Driekoningen 2005 werd vaak gecollecteerd voor door de tsunami getroffen partnergemeenten in Azië. Een teken in krijt C+M+B (+jaartal) boven de deur geeft aan welk huis de zegen van de drie koningen heeft ontvangen.

Zie ook

  • Toon terzijde De drie koningen

Bibliografische referenties

Jef de Jager, Rituelen. Nieuwe en oude gebruiken in Nederland. Utrecht: Spectrum, 2001 (2e geheel herziene druk), p. 125-128.

Heeft betrekking op:

Matteüs 2:1-12