Overzicht bijbelboeken

Cultuur > Zegswijzen

Een suzannaboef

Een wellustige oude man, een geilaard

Een verwijzing naar de twee oudsten uit het apocriefe Daniël-verhaal (B:5-20), die de kuise Susanna begluren en haar uiteindelijk tot seks met hen proberen te dwingen.

P. C. Hooft noteert in het derde bedrijf van zijn blijspel Warenar (1616) de volgende woordenwisseling tussen Warenar en de kok Teeuwes (r. 582-593):

Warenar (komt zijn huis uit rennen)
Kom hier, jij lelijke dief, blijf staan, zeg ik je!
Teeuwes
Nou ouwe gek, hier ben ik, wat mot je?
Warenar
Waarom sta je met zo'n joekel van 'n mes
te zwaaien, wou je me soms bang maken?
Teeuwes
Als ik er net zo weinig spijt van krijg as van
m'n andere zonden, zou ik blij sterven.
Warenar
Ik zeg dat er geen ergere schurk bestaat as jij,
en dat ik aan niemand zó erg de pest heb!
Teeuwes
Dat lieg je niet, meneertje, al ken je 't wel.
De zaak is helder, jij ken kennelijk zonder getuigen.
Maar ouwe Suzannesboef, wat heb je toch tegen ons?
Waarom ga je zo tekeer, zonder enige reden?

(P. C. Hooft, Warenar, Amsterdam: AUP, 2002, p. 46-47. [Uitgave in de reeks Tekst in context, dl. 6: Warenar. Geld en liefde in de Gouden Eeuw, samengesteld door Lia van Gemert en Marijke Meijer Drees.])

Heeft betrekking op:

Toevoegingen aan Daniël B:20