Overzicht bijbelboeken

Cultuur > Zegswijzen

Eersteling

Eerste opbrengst van de akker of het vee, die aan God werd gewijd of geofferd

'Eersteling' heeft de notie van 'het eerste en beste deel' (zoals het in de Nieuwe Bijbelvertaling bijv. in Deut. 26:2 is weergegeven). Het woord eersteling kan ook gewoon 'eerstgeboren' betekenen, en kan in oudere vertalingen dus ook betrekking hebben op het eerste kind. In het Nieuwe Testament wordt Jezus Christus aangeduid als ‘eersteling van hen die ontslapen zijn’ (vert. NBG-1951, 1 Kor. 15:20).
Sinds de 19e eeuw wordt het woord het meest toegepast op het eerste artistieke product van iemand: boek, schilderij, muziekstuk enz. P.A. de Génestet typeerde in zijn gedicht Sneeuwklokjes (1853) het bloemetje dat de lente aankondigt als d' eerst'ling onzer velden.

"Bovendien kan de bezoeker via koptelefoons luisteren naar regisseur Ton Lutz die uitlegt hoe hij Claus’ eersteling Een bruid in de morgen uit 1955 per toeval in handen kreeg en meteen versteld stond van de taalrijkdom ervan." (NRC Handelsblad, apr. 1994)

Heeft betrekking op:

Leviticus 2:12, Deuteronomium 26:2, Nehemia 10:35-36, 1 Korintiërs 15:20