Overzicht bijbelboeken

Cultuur > Varia

Eucharistie en Avondmaal

De 'Maaltijd van de Heer'De maaltijd van de Heer wordt in de Nederlandse kerken nog steeds gevierd. Het doel van de eucharistie of het avondmaal is (nog steeds) allereerst de gemeenschap met Christus, door het gedenken van zijn dood, en op de tweede plaats de gemeenschap van de gelovigen onderling.

De vorm waarin het ritueel heden ten dage gevierd wordt en de gedachten erachter verschillen aanzienlijk van elkaar. Een van de 'strijdpunten' is sinds de reformatie de interpretatie van Jezus' woorden tijdens zijn laatste maaltijd met de discipelen. Toen hij het brood nam en de beker, zei hij namelijk 'Dit is mijn lichaam' en 'Dit is mijn bloed' (Mat. 26:17-30; Mar. 14:12-26; 1 Kor. 11:17-34).

De rooms-katholieken nemen die woorden letterlijk. Als de priester de 'consecratie' heeft voltrokken, is Christus zelf tegenwoordig in de tekenen van brood en wijn. Het brood (de hostie) blijft eruitzien, ruiken en smaken als brood, maar in wezen is het veranderd in het lichaam van Christus. Dit wordt ook wel de 'transsubstantiatie' genoemd. Vanwege deze 'wezensverandering' kent de katholieke kerk ook de aanbidding van het 'Allerheiligste', het houden van processies en het knielen voor het brood tijdens de eucharistie.

De protestantse kerken vatten het brood en de wijn meer symbolisch op, in meer en mindere mate. Lutheranen spreken nog wel van de tegenwoordigheid van Christus in de tekenen, maar ontkennen de wezensverandering van het brood. De gereformeerde protestanten zeggen, in navolging van Calvijn, dat tijdens het vieren van het avondmaal in zijn nagedachtenis, Jezus Christus geestelijk aanwezig is in de harten van de gelovigen. Na een protestantse avondmaalviering mag het brood dus ook voor gewone (profane) consumptie gebruikt worden of 'aan de vogeltjes gevoerd'.

De vorm waarin de eucharistie of het avondmaal gevierd wordt in de kerken verschilt ook. Bijna overal gaat de 'communie', dat wil zeggen het gemeenschappelijk tot zich nemen van brood en wijn, gepaard met een preek, een dankzegging ('eucharistie' betekent 'dankzegging') en een herinnering aan de instelling van het gebruik door Jezus (Mat. 26:26-29; Mar. 14:12-25; Luc. 22:14-23). In de katholieke, lutheraanse en orthodoxe kerken vindt de 'communie' plaats staand of knielend bij het altaar, waar het brood en de wijn door de priester uitgereikt wordt. In de meeste andere kerken vindt het avondmaal plaats in de vorm van een gestileerde maaltijd aan een tafel, of door uitdeling langs de zitplaatsen.

Heeft betrekking op:

MatteĆ¼s 26:17-30, Marcus 14:12-26, Lucas 22:14-23, Handelingen 2:42, 1 KorintiĆ«rs 11:17-34