Overzicht bijbelboeken

Letteren > Bijbelvertalingen

Het Nieuwe Testament van Adriaen van Berghen van 1523

Elke bijbelvertaling heeft wel iets waardoor ze uniek is. Zo ook het Nieuwe Testament van Adriaen van Berghen van 1523: het was de eerste reformatorische bijbeluitgave in de Nederlanden. Bovendien is er maar één volledig exemplaar over, dat zich in het British Museum te Londen bevindt.

Het was een drukte van belang op de uitgeversmarkt in de tijd dat de reformator Luther zijn bijbelvertaling het licht deed zien. Niet minder dan 21 drukkers - van wie de meeste in Antwerpen - lieten werken van Luther of vertalingen van zijn bijbel verschijnen. In de periode van 1520 tot 1522 kwamen omstreeks tien Nederlandse bijbeluitgaven van Luther op de markt. Het betreft hier deeluitgaven van het Nieuwe Testament. Van 1523 tot 1540 verschenen er nog eens 28 gehele of gedeeltelijke Nederlandse bewerkingen van Luthers bijbelvertaling.

In september 1522 werd Luthers complete Nieuwe Testament in het Duits (vandaar wel de naam September-testament) ter perse gelegd. Een jaar later in 1523 verscheen in drie etappes de eerste Nederlandse vertaling van het Nieuwe Testament naar Luther: “Ter eeren gods ende tot salicheit van allen kersten menschen, so zijn dese Evangelien voleynt ende geprent Tantworpen bi my Adriaen van Berghen, op die Camerpoort brugge int Gulden Missael, int jaer ons heeren .M.CCCCC.xxiij. op sint Jans avont Decollatis.”

De vertaling was van de hand van Johannes Pelt, overste van het Amsterdamse klooster van de Franciscanen. Ze was geen slaafse vertaling van Luther, maar maakte ook gebruik van de oude Nederlandse Vulgaatvertaling van Johan ScutkenJohan Scutkens Nieuwe Testament van 1399 en van het Matteüsevangelie van Pelt.

Twee drukkers waren bij de vertaling van Luthers Nieuwe Testament betrokken, omdat de vraag groot was, zowel in de noordelijke als de zuidelijke Nederlanden. Dat was de reden dat er nauwe samenwerking ontstond tussen Amsterdam en Antwerpen. Vandaar dat bijna gelijktijdig nagenoeg dezelfde vertaling van het Luthers Nieuwe Testament verscheen: in Amsterdam bij Doen Pietersoen en te Antwerpen bij Adriaen van Berghen.

De drukkerij van Adriaen van Berghen (1500-1542) was gevestigd ‘op die Camerpoort brugge int Gulden Missael’. Van Berghen had onmiskenbaar reformatorische sympathieën. Al in 1522 werd hij beschuldigd ‘van synen mesdaden ende Luteryen’. Hij liet zich daardoor niet uit het veld slaan. Krachtig steunde hij de nieuwe leer door een reeks uitgaven van het Nieuwe Testament in 1523, 1524, 1525 en 1531.

Nadat hij in 1535 gevangen genomen was wegens de verkoop van verboden boeken, werd hij in het volgend jaar uit Antwerpen verbannen op straffe des doods. Hij vluchtte naar Holland, waar hij in verscheidene steden als boekverkoper in zijn onderhoud voorzag. Bijzonder is dat intussen zijn drukkerij te Antwerpen gewoon werkzaam bleef in dienst van de Hervorming, onder meer door een vijfde druk van het Nieuwe Testament van 1541. In 1542 werd hij door het Hof van Holland wegens de verkoop van ketterse boeken ter dood veroordeeld. In Den Haag werd het doodvonnis voltrokken: de drukker-martelaar werd om zijn geloof onthoofd, 41 jaar oud.

Bibliografische referenties

C.C. de Bruin, De Statenbijbel en zijn voorgangers, 1937.

Heeft betrekking op:

Efeziërs 1:1