Overzicht bijbelboeken

Kunsten > Toegepaste kunst

Het verhaal van Jona op tegels

Gerard de Jode bracht in 1585 een geïllustreerde bijbel op de markt. Een heel team van ontwerpers en graveurs had hieraan meegewerkt, waaronder de kunstenaars Maarten van Heemskerck en Maerten de Vos, en de graveurs Herman Muller en Adriaen Collaert. Jan Philipsz. Schabaelje schreef de tekst. Onder de titel Theatrum Biblicum hoc est Historiae Sacrae gaf Claes Jansz. Visscher een herdruk van de prentbijbel van De Jode uit, voor het eerst in 1639 en nogmaals in 1643. Alsof De Jode nooit een aandeel hierin had gehad, werd zijn signatuur vervangen door C. J. Visscher. In 1646 werd Schabaeljes Den grooten figuer-bibel in omloop gebracht, die voorzien was van verscheidene prenten die eerder al in het Theatrum Biblicum en zijn voorbeeld waren verschenen. Ook waren hierin Schutprenten naar Merian opgenomen. De SchutbijbelWaarschijnlijk zijn dezelfde koperplaten gebruikt, want het leeuwendeel van de prenten is eveneens door C. J. Visscher gesigneerd. De zoon van Claes Jansz. Visscher, Nicolaes Visscher, gaf in 1650 en 1674 op zijn beurt het Theatrum Biblicum in nadruk uit.

C. Visscher kopie naar H.Wierix
Jona vlucht voor het bevel van God om naar Nineve te gaan
Anoniem, Rotterdam
Tegel met Jona, vluchtend voor het bevel om naar Nineve te gaan

Met name in de achttiende eeuw was het gebruikelijk om tegels te decoreren met bijbelse voorstellingen. Vaak werden prenten uit prentbijbels haast letterlijk overgebracht door middel van een spons. De spons kon ook de prent zelf zijn. Wanneer we een tegel met de voorstelling van Jona's vlucht voor het bevel van God om naar Nineve te gaan (Jon. 1:2-3) vergelijken met de oorspronkelijke - zeer gedetailleerde – gravure uit de Figuer-bibel, dan valt op dat het landschap waarin Jona staat, sterk vereenvoudigd is en dat de naam van Jahweh linksboven vervangen is door een engel. Jona gehoorzaamt het bevel om Nineve aan te klagen niet. Van de pittoreske haven, waar Jona een schip vindt met bestemming Tarsis, zien we niets terug. Wel is de kapel overgenomen door de tegelschilder.

Pieter Hendriksz. Schut
Iona gesonden na Ninive, vliet voor den Heere en varende na Tharsis wert in zee geworpen.

Er is ook een kleine Schutprent naar de gravure bekend. Jona die zich tot de HEER richt, is vrij nauwkeurig nagebootst, maar wel in spiegelbeeld. De kapel is minder prominent in beeld gebracht. Zijn rechterhand wijst ditmaal niet naar een haven met boten, maar naar een toekomstig beeld in het verhaal. De bemanningsleden van de vluchtboot maken aanstalten Jona in zee te werpen, opdat de storm zou ophouden. Maar een volgend fragment dient zich direct aan: de vis die Jona gaat opslokken, houdt al voordat Jona nattigheid kan voelen zijn bek open.

Onbekend
Tegel: Jona vlucht voor het bevel van God om naar Nineve te gaan.

Deze voorstelling is eveneens gekopieerd op een tegel. Qua compositie klopt het tafereel aardig, maar de wolkenpartij met de naam van Jahweh waarheen Jona zich zou moeten richten, is te veel naar links afgedreven.

C. Visscher kopie naar H.Wierix
Jona wordt door de vis op het land geworpen
Pieter Hendriksz. Schut
Iona van een Visch ingeslockt, wert na 3 dagen weder van hem gespogen op het drooge.

Na drie dagen in de buik van de vis te hebben doorgebracht, wordt Jona op het droge uitgespuwd (Jon. 2:11). Een prachtige gravure uit de Figuer-bibel naar Hieronymus Wierix toont dit moment. Ook nu is de kleine Schutprent gespiegeld ten opzichte van zijn voorbeeld. Waarschijnlijk heeft Schut een afgedrukte gravure nagegraveerd in het koper. Het kleed dat Jona over zich heen trekt, zou wel eens kunnen verwijzen naar zijn prediking in de stad Nineve (Jon. 3:4-5).

Pieter Hendriksz. Schut
Iona predickt tot Ninive 't gedreijgde verderf der Stadt, waer over sij haer bekeeren.
Onbekend
De profeet Jona spreekt voor de inwoners van Nineve

In Nineve aangekomen profeteert Jona dat de stad binnen veertig dagen zal worden weggevaagd. Iedereen hult zich daarop in een boetekleed en bekeert zich. Dan vergeeft God de inwoners van Nineve, tot woede van Jona. Een tegel naar de kleine Schutprent is zo geschematiseerd, dat de boetekleden nauwelijks zichtbaar zijn.

Zie ook

  • Toon Rode draad De Schutbijbel toegepast
  • Toon terzijde Honderd 'basterde storis' voor een gulden
  • Toon terzijde Groot en klein op een plaquette
  • Toon terzijde Van Merian tot theebusje
  • Toon terzijde Jona en de grote vis

Bibliografische referenties

T.G. Kootte, (red.), De bijbel in huis: bijbelse verhalen op huisraad in de zeventiende en achttiende eeuw, Zwolle 1991.

Heeft betrekking op:

Jona 1:2-3, Jona 2:11, Jona 3:4-5