Overzicht bijbelboeken

Kunsten > Beeldende kunst

Hynckes' schedels

Raoul Hynckes
De sleutels van de anachoreet

In zijn memoires De vrienden van middernacht uit 1973 vertelt de schilder Raoul Hynckes onder de kop 'Het onvermijdelijke' hoe hij aan zijn herhaaldelijk gebruikt beeldmotief van de schedel is gekomen en wat het voor hem betekent.

In 1910, toen Hynckes zeventien jaar oud was, vroeg hij tijdens een verblijf in het Vlaamse Nieuwpoort aan zijn hospes, een timmerman die voornamelijk doodskisten maakte, of hij hem een schedel kon bezorgen. Een paar dagen later verscheen de plaatselijke doodgraver bij hem met een zak vol waaruit hij een keuze mocht maken.

In 1933 ging Hynckes tussen zijn spullen op zoek naar de inmiddels in vergetelheid geraakte schedel: 'Deze schedel, die in mijn jeugd niet meer was geweest dan de gril van een leerling van de Academie van Beeldende kunsten in Brussel waar hij colleges in anatomie had gevolgd, werd een openbaring die voortaan het onderwerp van mijn schilderijen en hun geestelijke strekking zou beïnvloeden.'

Hynckes beschrijft de betekenis die de schedel voor hem heeft als volgt: 'Als ik in de loop van mijn carrière veel doodskoppen heb geschilderd is dat beslist niet omdat ik zoals bepaalde critici beweren een morbide karakter zou hebben, verre van dat; maar omdat hun fascinerende uitdrukkingen mij boeiden en mij dwongen na te denken over het bestaan, over de wereld waarin wij leven die zo belust is op goud en macht, aan de onzinnige hoogmoed die ons zovele van onze daden ingeeft, aan de ijdelheid van onze verlangens en aan de laatste reis in de grote stilte en het mysterie van de oneindigheid.'

Heeft betrekking op:

Prediker 2:17