Overzicht bijbelboeken

Letteren > Drama

Jezuïetendrama rond Judit

In 1607 schreef de Antwerpenaar Peeter Heyns een schooldrama over Judit getiteld Le Miroir des Vefves (Spiegel der weduwen), met het doel een zedekundige les te geven, maar daarnaast ook om Antwerpse jongedames in het Frans te onderwijzen. Ook de jezuïeten hoopten door het dramatiseren van bijbelse verhalen een taal bij te brengen: het Latijn.

Bij de laatstgenoemde groep echter was het taalonderwijs slechts een bijkomend voordeel. Zowel protestanten als katholieken maken gebruik van het podium om vooral hun kerkelijke dogma's aan de man te brengen. Aangezien het Judit-verhaal bij de protestanten als niet-canoniek (apocrief) wordt gezien, zijn het de katholieken - en dan vooral de jezuïeten - die juist dit verhaal tot drama bewerkten. Het is zeer waarschijnlijk dat door deze werken het Judit-verhaal bekend bleef onder bevolking, al weten we niet zeker hoe de vooral 18e-eeuwse bewerkingen precies zijn geweest. Niet een tekst is bewaard gebleven, maar wel zijn de opvoeringsdata van een aantal werken bekend. Uit deze data valt af te leiden dat het Judit-drama in het eerste decennium van de achttiende eeuw zeer populair was.

Naast het vertellen van een mooi verhaal en het overbrengen van het katholieke gedachtegoed hadden de makers van dit drama dus ook als doel om het Latijn bij de leerlingen te bevorderen. Al werden de scènes regelmatig afgewisseld met komische intermezzo's in de volkstaal (om diegenen die het Latijn niet beheersten wel de boodschap over te brengen). Soms zelfs werd het hele werk eerst in het Latijn en vervolgens ook nog in de volkstaal opgevoerd.

Bibliografische referenties

Musschoot, Anne Marie, Het Judith-thema in de Nederlandse letterkunde, Gent 1972.

Heeft betrekking op:

Judit 1:1