Overzicht bijbelboeken

Letteren > Drama

Joost van den Vondel - Adam in ballingschap

Vondel noemt Adam in ballingschap in de ondertitel Aller treurspelen treurspel. Het drama uit 1663 handelt namelijk niet over zomaar een dramatische gebeurtenis, maar het gaat over de val van de mensheid. Doordat Adam en Eva zich laten verleiden is voor altijd alles verdorven. Het is na de zondeval niet meer mogelijk om, zoals Adam en Eva in het begin van dit stuk, echt zorgeloos, hand in hand, door een paradijselijke tuin te lopen: "hy zwaeit een myrt, zy rieckt een roos versch afgepluckt."

In het stuk doet Vondel niet veel meer dan de karakters van Adam en Eva vormgeven en ze eerst laten beleven hoe mooi het paradijselijke leven is. Vervolgens geeft hij enkele beraadslagingen die de duivel, Lucifer, heeft met wat helpers van hem. Ze beraadslagen dat een slang de beste vermomming zou zijn om de vrouw te verleiden ("zo moet men door de vrouw de man zien om te zetten"). De slang moet vervolgens een aanslag plegen die "zulk een langen staart van jammernissen, door alle eeuwen, na zal slepen." Als dan Belial (Lucifers helper) Eva heeft verleid en Adam erachter komt, rest er weinig dan een lange rouwklacht en een vergenoegd nabeschouwen door Lucifer. En, net als in het bijbelse verhaal, worden Adam en Eva buitengesloten uit het paradijs. Uriƫl, een engel van God, stuurt ze weg: "Verjaagt de ballingen, verjaagt dit paar bandijten ten paradijze uit."

Zie ook

  • Toon terzijde Joost van den Vondel - Noah

Bibliografische referenties

K.F. Proost, De bijbel in de Nederlandsche Letterkunde als spiegel der cultuur. Assen, 1933.

Heeft betrekking op:

Genesis 2:8-3:24