Overzicht bijbelboeken

Over > Hoofdpersonen

Josia

'Josia was acht jaar oud toen hij koning werd. (...) Hij volgde in alle opzichten het voorbeeld van zijn voorvader David en hield zich daaraan: hij deed wat goed is in de ogen van de HEER.' Zo begint de geschiedenis van Josia, die in 2 Kon. 22-23 en 2 Kron. 34-35 beschreven wordt. De verdienste van deze jonge koning is vooral dat hij de afgodendienst grondig bestrijdt en de dienst aan de HEER in volle glorie herstelt. Bij restauratiewerkzaamheden aan de tempel was bij toeval een boekrol ontdekt 'met de tekst van de wet van de HEER die door Mozes was overgeleverd'. Dit leidt tot een grootscheepse bekering onder aanvoering van Josia. 'Met alle inwoners van Juda en Jeruzalem, de priesters en de Levieten, kortom, de hele bevolking, van hoog tot laag, begaf hij zich naar de tempel van de HEER. Daar las hij hun de hele tekst voor van het verbondsboek dat in de tempel was gevonden. Staande op zijn vaste plaats bekrachtigde hij ten overstaan van de HEER het verbond. Hij zwoer dat hij de HEER zou volgen en zich geheel en al zou houden aan diens geboden, voorschriften en bepalingen, om zo het verbond dat in deze boekrol was vastgelegd met hart en ziel na te leven. Hij liet allen uit Jeruzalem en Benjamin zich hierbij aansluiten.' (2 Kron. 34:30-32) Dankzij Josia wordt bijvoorbeeld voor het eerst sinds de rechters weer Pesach gevierd (2 Kon. 23:21-23; 2 Kron. 35).

Heeft betrekking op:

2 Koningen 22:1, Wijsheid van Jezus Sirach 49:1, 2 Kronieken 34:1, Sefanja 1:1