Overzicht bijbelboeken

Kunsten > Toegepaste kunst

Klokkenkleedjes

In de achttiende en negentiende eeuw hingen in Noord-Nederland in veel herenhuizen en boerderijen Friese klokken. Het was in Friesland zelfs de gewoonte om elk welgesteld meisje dat ging trouwen een klok te schenken.
Vooral de klokken in boerderijen, vaak zogenaamde boerderijklokken, hadden het zwaar te verduren. Meestal hingen ze in de ruimtes waar onder een schouw een turf- of houtvuur gestookt werd en waar het spinnewiel snorde. Dat alles veroorzaakte flink wat stof dat onder meer ook op de fijngevoelige uurwerken terechtkwam.
Om de klokken te beschermen tegen dat stof werd er een klokkenkleedje overheen gehangen, doorgaans ongeveer 15 cm breed en 60 cm lang. Naast de bescherming van de klok kreeg het kleedje ook al snel een decoratieve functie. Uiteindelijk werd het een kenmerkend toebehoren van de Friese klok.

Het klokkenkleedje werd versierd met geborduurde voorstellingen in kruissteek, onder meer uit de Bijbel, al dan niet voorzien van de bijbehorende bijbeltekst. Zo zien we Adam en Eva, reikend naar de verleidelijke rode vruchten van de boom waaromheen de slang zich heeft gewenteld (Gen 3:6). De tweede bijbelse scène die op klokkenkleedjes voorkomt, toont Jozua en Kaleb die met een enorme druiventros terugkeren uit het beloofde land (Num 13:23). Dit zijn tot nu toe de enige bijbelse voorstellingen die bekend zijn.

Anoniem
Klokkenkleedje met de voorstelling van Adam en Eva
Anoniem
Klokkenkleedje met de voorstelling van Jozua en Kaleb

De voorstellingen van Adam en Eva, en van Jozua en Kaleb zijn nogal stereotiep. Alleen in de kleding van Jozua en Kaleb is enige variatie te vinden; soms worden ze zelfs in visserskleren met pofbroeken gestoken. De vrij grove kruissteek leidt tot verregaande abstractie. Toch is het leuk om te zien, hoe sierlijk Adam zijn hand op zijn in contrapost uitgestoken heup laat rusten.

De voorstellingen op klokkenkleedjes zijn toonbeelden van nijvere vrouwenhanden. Menig meisje zal haar klokkenkleedje - soms voorzien van haar trouwdatum- zelf hebben geborduurd. De klokkenkleedjes zijn verwant aan de zogenoemde 'merklappen'. Een merklap uit 1790 bevat ook afbeeldingen van Adam en Eva, en Jozua en Kaleb.

Heeft betrekking op:

Genesis 3:6, Numeri 13:23, Deuteronomium 1:36, Jozua 14:7