Overzicht bijbelboeken

Kunsten > Beeldende kunst

Memlings opdrachtgever

Hans Memling
Triptiek met het Laatste Oordeel

In de tijd dat Memling leefde, de vijftiende eeuw, werkten kunstenaars uitsluitend voor opdrachtgevers. Meestal was het de kerk die een kunstwerk bestelde, maar ook steeds meer rijke burgers konden een schilderij betalen. Een van hen was de Florentijn Angelo di Jacopo Tani (1415-1492). Deze bemiddelde Italiaan had sinds 1450 een filiaal van een Italiaanse bank in Brugge beheerd en was zo in contact gekomen met de kunstenaars die daar werkten. Pas na zijn terugkeer naar Florence gaf hij Memling de opdracht een altaarstuk voor hem te schilderen. Dat was vermoedelijk in 1467, het jaar waarin hij zijn testament opmaakte. Het feit dat hij toen al een respectabele leeftijd had en zich daardoor wellicht bewust was van de eindigheid van zijn leven zou zijn keuze voor het Laatste Oordeel kunnen verklaren. Hij liet zichzelf en de jonge vrouw met wie hij een paar jaar eerder was getrouwd, op de buitenkant van de zijluiken afbeelden. Ook de voorstelling van het Laatste Oordeel bevat een aantal portretten, al springen die niet meteen in het oog. Zo zou de derde apostel, links van Christus, de gelaatstrekken van Karel de Stoute hebben. In de goede ziel, op de weegschaal, zou het gezicht van Tani’s Florentijnse collega-bankier Portinari te herkennen zijn.

Het was de bedoeling het indrukwekkende altaarstuk te plaatsen in een nieuw gebouwde kerk, vlakbij Florence, waar Tani over een eigen kapel beschikte. Deze was gewijd aan Tani’s beschermheilige Michaël, de aartsengel die bij het Laatste Oordeel een belangrijke rol vervult. Echter, het drieluik is daar nooit aangekomen. Het schip waarmee het voltooide kunstwerk naar Italië vervoerd zou worden, was nog nauwelijks vertrokken of het werd aangevallen door een oorlogsschip uit Gdansk. Tientallen bemanningsleden werden gedood en het grootste deel van de scheepslading werd in beslag genomen, waaronder ook Memlings altaarstuk. Het werd nooit teruggegeven en bevindt zich nog steeds in de - tegenwoordig - Poolse stad.

Zie ook

  • Toon terzijde Memlings Laatste Oordeel

Heeft betrekking op:

1 Tessalonicenzen 4:16