Overzicht bijbelboeken

Kunsten > Beeldende kunst

Orlando di Lasso's boetepsalmen geïllustreerd

In de Bayerische Staatsbibliothek in München bevinden zich twee geïllustreerde boeken met muzieknotaties van Orlando di Lasso. De beide banden zijn met hun afmetingen van 60 centimeter hoog en 44 centimeter breed ware prachthandschriften. Ze bevatten zeven boetepsalmen (Psalm 6, 32, 38, 51, 102, 130, 143) en twee lofpsalmen (Psalm 148 en 150). Onder de muzieknotaties zijn de psalmteksten weergegeven in het Latijn en het notenschrift is ingebed in een overdaad aan illustraties.

Het handschrift werd in 1565 in opdracht van het Beierse hof gemaakt. Orlando di Lasso, als internationale kunstenaar, kreeg in 1565 van hertog Albrecht V van Beieren de opdracht om verschillende boetepsalmen op muziek te zetten. De Latijnse tekst bij de muzieknotaties is geschreven door Samuel Quickelberg. Deze Quickelberg zou later een biografie schrijven van Di Lasso. Naast Di Lasso en Quickelberg werkte de miniaturist Hans Mielich mee aan het handschrift. Mielich was hofschilder aan het Beierse hof en het was dan ook een voor de hand liggende keuze van Albrecht V om hem voor deze opdracht in te zetten. Het handschrift moet gezien worden als eerbetoon aan Albrecht V, die zichzelf wilde profileren als kenner en beschermer van de wetenschap en de kunsten.

In de voorrede op het handschrift staat vermeld dat de hertog opdracht had gegeven om in de zeven boetepsalmen te verwijzen naar de zeven hoofdzonden. In de boetepsalmen zouden deze hoofdzonden als volgt voorkomen: Psalm 6: hoogmoed (superbia), Psalm 31: hebzucht (avaritia), Psalm 38: gulzigheid (gula), Psalm 51: mateloosheid (luxuria), Psalm 102: afgunst (invidia), Psalm 130: ledigheid (desidia/acedia) en Psalm 143: drift (ira).

Hans Mielich
Di Lasso's boetepsalmen geïllustreerd: Psalm 6:4
Hans Mielich
Di Lasso's boetepsalmen geïllustreerd: Psalm 6:11
Hans Mielich
Di Lasso's boetepsalmen geïllustreerd: Psalm 31:7

Mielich gebruikte verschillende strategieën om de boetepsalmen te illustreren. In de eerste plaats kunnen we spreken van voorstellingen die strikt verbonden zijn aan het Oude Testament. De eerste afbeelding laat de doodslag van Abel door Kaïn (Genesis 4:8) zien als illustratie bij Psalm 6:4, en moet tegelijkertijd de hoogmoed uitbeelden. Een andere afbeelding is de scène waar Mozes furieus reageert op de aanbidding van het gouden kalf door het volk van Israël (Exodus 32:19). Deze afbeelding is gekozen als illustratie bij Psalm 31:7, waarin de afgodenverering wordt verafschuwd; daarnaast dient ze als illustratie van de hebzucht. Op de derde afbeelding zien we de passage verbeeld waar David het leven van Saul spaarde (1 Samuël 26). Dit verhaal is gebruikt als illustratie bij Psalm 6:11. David en Abisai zijn voorgesteld als heldhaftige mannen die de moed hadden om 's nachts het leger van Saul binnen te dringen. Met de spies en waterfles van Saul als trofeeën steken beide mannen de draak met Abner, die zijn koning die nacht niet goed heeft bewaakt.

Hans Mielich
Di Lasso's boetepsalmen geïllustreerd: Psalm 130:4

Naast Oudtestamentische voorstellingen gebruikte Mielich ook Nieuwtestamentische voorstellingen die typologisch geïnterpreteerd kunnen worden. We spreken van typologie wanneer personen of gebeurtenissen uit het Nieuwe Testament voorafgeschaduwd worden in verhalen en personen uit het Oude Testament. In Psalm 130:4 bijvoorbeeld wordt gesproken over schuldvergeving, geïllustreerd met verschillende offerrituelen uit het Oude Testament, die dan het offer van Jezus voorafschaduwen. De kleine voorstelling op de voorgrond verwijst naar Leviticus 16:7-8. Daar wordt beschreven dat door loting moest worden vastgesteld welke bok als offer bestemd was voor God. Aäron moest twee bokken naar de ingang van de ontmoetingstent brengen, en daar, voor het aangezicht van God, door het lot vaststellen welke bok geofferd moest worden. Op de afbeelding is een ring te zien waardoor een stier springt; deze ring staat symbool voor 'het lot werpen'. Op de achtergrond is Numeri 15:24 verbeeld, waar de priester zijn hand op de stier legt om het dier als brandoffer aan God aan te bieden. We zien op de afbeelding dat door middel van die handoplegging de zonden van het volk op het offerdier overgaan.

Hans Mielich
Di Lasso's boetepsalmen geïllustreerd: Psalm 31:14
Hans Mielich
Di Lasso's boetepsalmen geïllustreerd: Psalm 143:4

Een derde strategie die Mielich koos, is het gebruik van personificaties en allegorieën. Een voorstelling die we vinden bij Psalm 31:14 is hier een voorbeeld van. Op de afbeelding zien we de personificatie van de hebzucht (avaritia) leunend op een geldkist alle pogingen doen om zijn geld in eigen bezit te houden. Een andere afbeelding is een illustratie bij Psalm 148:14. De voorstelling van een schip op zee moeten we vermoedelijk identificeren als een allegorie op de wisselvalligheid van het leven. Een soortgelijke voorstelling zien we terug in de illustratie bij Psalm 143:4, waarbij het schip in de voorstelling verwijst naar Wijsheid 5:10.

Zie ook

  • Toon terzijde Petrus' bevrijding uit de gevangenis
  • Toon terzijde Een spottende David en Abisai
  • Toon terzijde Armzalige goden
  • Toon terzijde Een allegorie op de hebzucht
  • Toon terzijde Zware lasten om te dragen
  • Toon terzijde Eleazars weigering om vlees te eten
  • Toon terzijde Van offerrituelen tot het offer van Christus
  • Toon terzijde Jezus' afdaling in de hel
  • Toon terzijde Een boetepsalm met een apocalyptisch visioen
  • Toon terzijde Een apocalyptisch visioen met scènes uit Wijsheid

Bibliografische referenties

L. Schütz, Hans Mielichs Illustrationen zu den Bußpsalmen des Orlando di Lasso, München 1966.