Overzicht bijbelboeken

Kunsten > Beeldende kunst

Paradijslandschap met de schepping van Eva

Jan (I) Brueghel
Paradijslandschap met de schepping van Eva

Een van de bijnamen van Jan Bruegel de Oudere – de tweede zoon van de beroemde Pieter Bruegel – was ‘Paradijs-Brueghel’. Ook in zijn eigen tijd, rond 1600, was hij blijkbaar al beroemd om zijn voorstellingen van het paradijs. Weelderige landschappen, vaak volgens een vast stramien geschilderd: een centrale boompartij, met links een weids vergezicht, rechts een doorkijkje in een bos.

Toch zal het niet alleen het landschap zelf zijn geweest dat hem zijn bijnaam heeft opgeleverd. Ook met de dieren die de paradijslandschappen bevolken, moet hij veel bewondering hebben geoogst. Hij heeft ze heel gedetailleerd en zo realistisch mogelijk in beeld gebracht. Waar het de inheemse soorten betreft was dat niet zo moeilijk. Paarden, schapen en geiten bijvoorbeeld zag de schilder bij wijze van spreken dagelijks om zich heen. Lastiger was het weergeven van de meer exotische dieren, zoals de leeuwen, aapjes of struisvogels. Die kende hij waarschijnlijk alleen in opgezette vorm of uit de dierentuin van het aarsthertogelijk paar Albert en Isabella, bij wie Brueghel in dienst was als hofschilder.

Een ander specialisme van Brueghel was het schilderen van bloemen en planten. Die hebben dan ook eveneens een prominente plaats in dit paradijslandschap. Hier zijn niet alleen tulpen, rozen en lelies te herkennen, maar ook een druiventak, voorzien van een druiventros, die zich om de appelboom, uiterst rechts, heenslingert. De combinatie van deze twee vruchten komt vaker voor in Brueghels paradijslandschappen en verwijst waarschijnlijk naar de zondeval (appel) en de kruisdood van Christus (druif), die de zonden van de mens weer ongedaan kon maken.

Behalve alle verschillende dieren en planten zijn er drie menselijke figuren in dit paradijs te vinden. Rechtsachter is te zien hoe onder Gods toeziend oog Eva oprijst uit de flank van de slapende Adam. Brueghel wijkt hier enigszins af van de letterlijke bijbeltekst, waarin te lezen is dat Eva door God wordt gevormd uit een van Adams ribben (Gen. 2:21-22). Het verhalende element lijkt hoe dan ook maar bijzaak te zijn te midden van Brueghels paradijselijke flora en fauna.

Zie ook

  • Toon terzijde Het paradijs

Heeft betrekking op:

Genesis 2:22