Overzicht bijbelboeken

Letteren > Proza

Rick de Gier - Nineve

Nineve, het literaire debuut van Rick de Gier (1979), tast meteen de grenzen van het genre 'roman' af. Het boek heeft drie delen, die elk een playlist met uitsluitend Engelse titels hebben - tegen de achtergrond van een graphic novel - in plaats van een hoofdstukindeling. De roman wordt gevolgd door een serie songteksten van Outtakes from the Revival Songbook; achterin het boek zit een soundtrack-cd met die titel, van de Utrechtse band Ponoka, waarvan Rick de Gier leadzanger is. En dan is er ook nog een Nineve-website.

Nineve vertelt het verhaal van de 24-jarige Daan, die ergens op de Veluwe in evangelische kringen is opgegroeid. In het hoofdstuk (of de track?) 'Stuck Inside a Fish' krijgt de lezer een mooi inkijkje in die wereld (p. 34-35):

De profeet DaniëlDaniël wordt in de Bijbel omschreven als wijs, vroom, moedig, aantrekkelijk, gehoorzaam en bedreven in het verstaan van de stem van God. Mijn ouders zetten maar meteen hoog in toen ik werd geboren.
Mijn komst was nogal een big deal. Mijn vader en moeder waren al niet de jongsten meer toen ze elkaar ontmoetten en hadden eigenlijk helemaal geen kinderen verwacht. Toen mijn moeder toch zwanger raakte, voelde ze zich rechtstreeks verbonden met bijbelse wondermoeders als Sara, Hanna en Elisabet. Dat ik een bijzonder kind zou worden stond buiten kijf.
Namen waren belangrijk in Levend Water. Bram, onze voorganger, geloofde dat de Heer voor iedereen een persoonlijk levensplan had uitgestippeld, waar mogelijk ook een specifieke naam bij hoorde. De Bijbel stond vol figuren die hun naam rechtstreeks van boven hadden ontvangen, dus werden aanstaande ouders aangemoedigd volhardend om inspiratie te bidden. Ik moet bekennen dat de resultaten soms verbluffend waren. Neem mijn vrienden: Jonathan wás zo trouw als de kameraad van koning David, Esther zo mooi en vroom als de joodse koningin, en Sefanja - 'beschermeling van de Heer' - kwám ook overal mee weg.
Dat ik mijn naam net zo zou waarmaken, werd in de gemeente door niemand betwijfeld. Toen ik als puber werd gedoopt, in een geel opblaasbad waar nog gras aan kleefde uit de tuin van Jonathan en Esther, citeerde Bram de ene na de andere bijbeltekst over de verhevenheid van mijn naamgenoot. Met een vaderlijke glimlach concludeerde hij: 'God wil jou gebruiken, Daniël. Wacht maar af. Je zult een steunpilaar zijn in een wereld die ten onder dreigt te gaan, een betrouwbare buitenstaander zoals de bijbelse Daniël in het goddeloze Babylon.'
In zijn blik scheen geen enkele aarzeling door. Ook in de gemeente leek niemand te betwijfelen dat hier profetische woorden werden gesproken. We leefden in de laatste dagen; op de generatie van mij en mijn vrienden zou het binnen afzienbare tijd gaan aankomen. Dat God grootse plannen voor ons had, sprak voor zich.
Alleen ik twijfelde. Na die morgen begon ik te vermoeden dat mijn ziel misschien in een verkeerd lichaam terecht was gekomen, dat er ergens in een of andere heidense omgeving een diepgelovige jongen van mijn leeftijd rondliep, die er ook maar weinig van begreep.
Als ik dan zo nodig naar een profeet moest worden vernoemd, had ik beter JonaJona kunnen heten. Jona, die niet vooruit te branden was en liever de eenzaamheid zocht dan de confrontatie. Die ze in zee moesten smijten voor hij zich gewonnen gaf - en dan nog met tegenzin.
Als tiener op mijn zolderkamer stelde ik me soms voor dat ik net als Jona opgesloten zat in de maag van een walvis, zielsalleen op zee. Mijn bed was een reusachtige tong en het enkele tuimelraam een open bek waardoor ik over het eindeloze blauwe water kon uitkijken. Geen stipje land in zicht.

Bij het opgroeien neemt de twijfel over zijn 'roeping' bij Daan alleen maar toe. Hij verwijdert zich van zijn oude milieu en begint in de stad Utrecht een nieuw leven. Het eeuwige ongemak van de oude stelregel dat een christen 'wel in de wereld, maar niet van de wereld' is (naar Jezus' uitspraak in Joh. 15:19), lijkt voor hem eindelijk verleden tijd. Hij gaat helemaal op in het wereldse leven, vol films en popmuziek. Zijn ongelooflijke kennis van christelijke films - 'de eindtijdthrillers en bekeringsverhalen, de stichtelijke familiedrama's en kuise tienerkomedies' - en gospelmuziek verleent Daan in zijn nieuwe wereld een bijzondere status.

Als een ooit door Daan bewerkt lied uit de Opwekkingsbundel een onverwachte hit wordt voor het Utrechtse trio 'The Revival Songbook' waarvan hij de leadzanger is, zit Daan helemaal in een Jona-rol: profeet tegen wil en dank, vrome teksten debiterend in een heidense wereld. Daan vindt het succes van zijn band met dit repertoire eigenlijk onverdraaglijk, en hij vlucht opnieuw, de oceaan over.

Het laatste deel van het verhaal speelt in Canada. Daan bezint zich - opnieuw - op zijn leven: wat is zijn bestemming? In de allerlaatste scène staat hij met Jezus op Cypress Mountain en kijkt neer op Vancouver. Het lijkt de slotscène van het boek Jona wel, die uitmondde in Gods vraag: 'Als jij al verdriet hebt om die wonderboom, waar jij geen enkele moeite voor hebt hoeven doen en die jij niet hebt laten groeien, een plant die in één nacht opkwam en in één nacht verging, zou ik dan geen verdriet hebben om Nineve, die grote stad, waar meer dan honderdtwintigduizend mensen wonen die het verschil tussen links en rechts niet eens kennen, en dan nog al die dieren?' (4:10-11) Het kan geen toeval zijn dat deze bijbeltekst ook als motto voor Nineve gekozen is.

Bibliografische referenties

Rick de Gier, Nineve, Barneveld: Brandaan, 2011 (roman, met soundtrack-cd van Ponoka)

www.nineve.net

www.ponokamusic.com

Heeft betrekking op:

Jona 4:11, Johannes 15:19