Overzicht bijbelboeken

Letteren > Bijbelvertalingen

Van Tichelens Nieuwe Testament van 1926

In rooms-katholieke kringen was van de 16e tot diep in de 19de eeuw de Leuvense bijbelDe Leuvense bijbel van 1548 de gezaghebbende bijbelvertaling. Die was verschenen in 1548, herzien naar de Vulgaat-uitgave van 1592 en in 1599 te Antwerpen herdrukt. Aan het eind van de 19de en het begin van de 20ste eeuw groeide bij het rooms-katholieke volksdeel in Nederland de behoefte aan een eigen moderne bijbelvertaling. Dat was onder meer het gevolg van de rooms-katholieke emancipatie. In 1853 gaf de paus toestemming voor een eigen aartsbisdom. Er kwamen een eigen pers en een eigen politieke partij. Te Nijmegen werd in 1923 een eigen universiteit gesticht, de huidige Radboud Universiteit, die beschouwd werd als de kroon op de rooms-katholieke onderwijsemancipatie.

Tegen deze achtergrond is de behoefte aan een eigen bijbelvertaling voor de rooms-katholieke zuil te verklaren. Er was al het een en ander tot stand gebracht. Emiel Gessler had de evangeliën vertaald. Verder was in 1906 het Canisiusbijbeltje verschenen met de evangeliën en het boek Handelingen. Dat kon zich al gauw in een grote populariteit verheugen, het smaakte naar meer. Er was een groeiend verlangen naar een vertaling van het hele Nieuwe Testament. Daaraan kwam Theodorus van Tichelen in 1926 tegemoet met Het Nieuwe Testament uit het Grieksch vertaald.

De Vlaming Van Tichelen studeerde theologie te Leuven en werd in het jaar waarin hij promoveerde, 1906, tot priester gewijd. Een schitterende wetenschappelijke carrière lag in het verschiet, ware het niet dat hij zich sterk maakte voor de vernederlandsing van het onderwijs, dat in het Latijn en Frans werd gegeven. Dat kostte hem een hoogleraarschap aan het bekende Grootseminarie te Mechelen.

Van Tichelen vertaalde niet vanuit de Latijnse Vulgaat maar vanuit het Grieks. Het oordeel van deskundige tijdgenoten was positief: hij leverde 'een degelijke, levendige en natuurlijke vertaling'. In de eerste en tweede druk werd een totale oplage van 50.000 exemplaren bereikt.

Bibliografische referenties

Anneke de Vries, Zuiver en onvervalscht? Diss. VU Amsterdam, 1994.

Heeft betrekking op:

2 Johannes 1:1