Overzicht bijbelboeken

Letteren > Drama

Willem de Mérode - Esther

In het toneelstuk Esther van Willem de Mérode (1887-1939) uit 1930, volgt de schrijver grotendeels het bijbelse verhaal. Grote nadruk in zijn bewerking ligt echter op Mordechai, die hij neerzet als een sluwe, berekenende man die voornamelijk geïnteresseerd is in geld. Hij wil vooral dat Ester koningin wordt, omdat dan een Jodin op een hoge positie staat. Het stuk volgt verder redelijk getrouw het bijbelse verhaal, al ligt er een constante nadruk op het feit dat Mordechai het Joodse volk belangrijker en groter wil krijgen.

Aan het eind zegt een voorbijganger, nadat hij net heeft gehoord dat de wet van Haman herroepen wordt door een andere wet:

De joden zitten op de hoogste wip.
't Is wijs het schip naar stroom en wind te keeren,
En dertien Adar veilig thuis te blijven,
Want Mordechai de nieuwe rijksbestierder,
Zal zijn belagers zeker snel berechten.

Een kort toneelstuk waarin de aan Joden toegeschreven eigenschap van 'geld vergaren' overduidelijk en zonder omwegen wordt benadrukt. Tussen alle antisemitische geluiden van die tijd zal dit niet opgevallen zijn.

Bibliografische referenties

Willem de Mérode, Esther: een aaneenschakeling van dramatische tafereelen. Neerbosch, 1930.

Heeft betrekking op:

Ester 10:3