Overzicht bijbelboeken

Over > Bijbelse wereld

Zuurdesem

Zuurdesem is oud (verzuurd) deeg dat gebruikt werd om nieuw deeg te laten rijzen. Tijdens het PesachfeestPesach mochten de Israëlieten geen brood eten dat bereid was met zuurdesem, maar alleen ‘ongedesemd brood’. Tijdens het feest van het Ongedesemde brood, dat volgde op het Pesachfeest, werd er zeven dagen lang ongedesemd brood gegeten.

Als we over de instelling van het Pesachfeest lezen in Exodus 12:1-28, wordt de betekenis van het ongedesemde brood ons duidelijk. De verlossing van het volk Israël uit de slavernij van Egypte staat centraal: ze moeten zich ‘in grote haast’ (12:11) uit de voeten maken, en dus is er voor een maal weinig tijd. Niet met z'n allen gezellig rond de tafel, maar met reiskleding aan en de staf in de hand. Het eten moet zo snel mogelijk bereid worden – het lam wordt in zijn geheel geroosterd en er is geen tijd het brood te laten rijzen.

Terwijl in Exodus het feest van het Ongedesemde brood vervlochten wordt met het Pesachfeest, maakt het boek Leviticus er afzonderlijk melding van (Lev. 23:5-6). Zeven dagen lang moeten de Israëlieten ongedesemd brood eten. Zelfs moeten alle restjes zuurdesem en oud brood uit de huizen verwijderd worden (Ex. 12:15).

Het feest van het Ongedesemde brood was waarschijnlijk een van oorsprong agrarisch ritueel, dat later samengevoegd werd met het Pesachfeest. Het ritueel viel samen met de gersteoogst. Voordat er brood gebakken werd van het nieuwe graan, werd al de oude zuurdesem verwijderd uit de huizen en werd er een week lang ongedesemd brood gegeten. Daarna werd er brood gebakken met nieuw zuurdesem. Het ritueel symboliseerde zo een ‘nieuwe start’. Later werd het feest, zoals gezegd, samen met het Pesachfeest gevierd – en symboliseerde de zuurdesem zowel de ‘grote haast’ van de uittocht als het begin van Israël als Gods uitverkoren volk.

Het feit dat iedereen die nog zuurdesem in huis heeft tijdens het feest ‘uit de gemeenschap van Israël gestoten’ (Ex. 12:15) moet worden – een heel zware straf – impliceert dat zuurdesem niet slechts een symbolische betekenis had. Zuurdesem was deeg dat aan het vergaan was, en kon op die manier geassocieerd worden met de dood – een van de grootste veroorzakers van onreinheid Rein en onrein. Ook werd in de Oudheid gedacht dat zuurdesem het deeg ‘corrumpeerde’ door de samenstelling ervan aan te tasten.

Deze negatieve betekenis van zuurdesem zou beschouwd kunnen worden als een aspect van het feest van het Ongedesemde brood: de ‘nieuwe start’ met God houdt in dat alle zonden en kwade invloeden verwijderd moeten worden. In het Nieuwe Testament ‘recyclet’ Paulus deze symboliek: ‘Doe de oude desem weg en wees als nieuw deeg. U bent immers als ongedesemd brood omdat ons pesachlam, Christus, is geslacht’ (1 Kor. 5:7).

Paulus laat dat voorafgaan door de observatie dat ‘een beetje desem het hele deeg zuur maakt’ (5:6). Waarschijnlijk was dat in Paulus’ tijd een spreekwoord dat inhield dat ‘iets kleins grote gevolgen kan hebben’. Misschien heeft Jezus datzelfde spreekwoord in gedachten gehad toen hij het koninkrijk der hemelen vergeleek met ‘zuurdesem die door een vrouw met drie zakken meel werd vermengd tot alle meel doordesemd was’ (Mat. 13:33; Luc. 13:20-21). Jezus gebruikt dan dus eigenlijk een negatief symbool om iets positiefs te zeggen. Het kan zelfs zijn dat er een zekere ironie aan deze gelijkenis ten grondslag ligt; misschien hadden zijn tegenstanders zijn onderwijzing wel vergeleken met zuurdesem, zoals Jezus zelf waarschuwt voor de ‘zuurdesem van de Farizeeën en de Sadduceeën' (Mat. 16:6).

Heeft betrekking op:

Leviticus 23:4-8, 1 Kronieken 23:29, Exodus 12:1-13:16, Numeri 28:17-25, Numeri 9:11, Deuteronomium 16:1-8, Matteüs 13:33, Matteüs 16:6, Marcus 8:15, Lucas 12:1, Lucas 13:20, 1 Korintiërs 5:6-7